maandag 11 december 2017

Wordingskracht

In de Noorse Edda treedt Thor op als representant van elementaire ik-kracht(en), ik-kwaliteit bij mensen; terwijl de oude Griekse term Kyrios in het bijzonder samenhangt met ik-activiteit in een zin van heerskracht in de eigen ziel met een daaraan verbonden historische omkering: in plaats van het denkt in mij, het voelt in mij en het wil in mij wordt dan ik denk, ik voel en ik wil van kracht. Dat luidt zelfregie in. In die zin kan het fenomeen Kyrios rechtstreeks betrokken worden op mysteriën van het Nieuwe Testament en een levend actueel Christendom.

De spreuk die ik verleden week maandag in het blog Virtues (Cahier, 4 december 2017) naar voren bracht, is inmiddels door mij gewijzigd; de zinsnede ‘ik ben ik’, is veranderd in ‘ik word ik’.

Michael with Dragon
Wat is een pelgrim? Heeft U daar een voorstelling van beste lezer? Kan het daarbij naast iets uiterlijks misschien eigenlijk juist gaan om iets innerlijks? Een innerlijke reis, een inwendige ontwikkelingsgang, terwijl de dagelijkse plichten onverminderd - misschien zelfs geïntensiveerd - niet worden verzaakt of opgeschort maar trouw worden vervuld? Dat is in ieder geval wel mijn idee en specifiek koppel ik dat aan psychische fenomenen als identificatie en zelfbewustzijn. Waarmee identificeert een mens zich en waarmee treedt hij daarmee in relatie? Wat maakt hem tot een ik, een zelfbewust individu met een eigen actieradius? Met welk recht, op welke wijze en met wat voor impact zegt een mens ik tegen zichzelf? En wat hangt daar verder mee samen?

Een pelgrim in mij, ik zelf als individu in wording, ziet zich kernachtig omschreven in een geesteswetenschappelijke behandeling van een ziele-kwaliteit en een ziele-sfeer die in het bijzonder betrekking heeft op lust- en onlustbeleving, zelfbewustzijn en ik-identificatie. Naar mijn opvatting kun je daar iets mee als je daar meer inzicht in krijgt en ouder wordt, je levenservaring toeneemt. Rudolf Steiner daarover in de lezing De zielewereld (GA 53; Berlijn, 10 november 1904):

Uit: De zielewereld (GA 53; Berlijn, 10 november 1904); Rudolf Steiner:
“ […] De vierde klasse is die, waar de ziel niet meer op iets van de omgeving is gericht, maar waar deze ziel op datgene is gericht, wat in het eigen lichaam leeft; waar het gevoel zich richt op datgene, wat in het eigen lichaam als welzijn, als smartelijk, als lust- en onlustgevoelens voordoet. Dit innerlijk golven van gevoelens in het eigen bestaan, deze zelflust, deze bestaanslust omschrijven we bij dit wezen als de vierde klasse van zielekrachten. […]

“ […] Zodra de ziel aan het schouwspel van de zintuigen is ontrukt, leeft ze in de zielewereld. Dat zijn de belevenissen van de ziel in de zielewereld, die ze direct na de dood doormaakt. Daar leeft ze in een van alle fysieke en chemische krachten vrije wereld, in een wereld van lijden, begeerten en driften. Ze heeft aanvankelijk al datgene te ontwikkelen, wat daar ontwikkeld kan worden. Open en bloot, dat betekent zonder fysieke omhulsels, is ze aan dat overgegeven, wat naar haar toevloeit en haar zelf doorstroomt. Geleidelijk aan loutert ze zich door deze doorstromende eigenschappen, terwijl ze de begeerten leert kennen, zonder de mogelijkheid te hebben ze te bevredigen. Daar leert de ziel zonder fysiek lichaam leven. Daar leert ze een zelf te zijn, zonder de fysieke lust en zonder de fysieke pijn, zonder het fysieke welbehagen, en zonder het fysieke mishagen. En daar voelt ze zich aanvankelijk niet meer als een zelf. De belichaamde ziel voelt zich als een zelf, omdat ze zich in een lijf  bevindt. De ziel in het lijf zegt tegen zijn lijf  “ik”, omdat het zich in het lijf bevindt. Wil ze echter na de dood “ik” zeggen, dan leert ze het gevoel van het lijf kennen, zonder de mogelijkheid het te leven. Went ze zich dat af, dan leert ze zich als ziel gewaarworden. Zich als ziel gewaarworden leert de mens in het vierde gebied, en hoe vaker de mens door dit gebied is heengegaan, hoe langer
hij een zielsmatige pelgrim is geweest, des te krachtiger is zijn ziele-zelfgevoel ontwikkeld, des te meer weet hij dan ook, wanneer hij weer zal wederbelichamen, niet alleen tot zijn lichaam, maar ook tot zijn ziel “ik” te zeggen, des te meer voelt hij zich als een zielewezen. Dat is het verschil tussen een mens, die vele, en een mens die weinig belichamingen heeft doorgemaakt. De hoger ontwikkelde voelt zich als een zielewezen. – Dan leert de mens ook deze hogere gebieden kennen, die wij hebben beschreven als het zielelicht, als de zielekracht en als de geestziel. Daar naar binnen toe leeft en weeft de mens. Men is gewend deze hogere gebieden van het astrale gebied in de theosofische literatuur  als het zomerland te kenschetsen. Dat is dat gebied, waarin de ziel geleidelijk aan overgaat naar de sympathiesferen, naar de sferen, waar ze in louter liefde voor de omgeving, in louter liefde voor de kleuren leert te leven. Eerst dan, wanneer de ziel van de mens na de dood door de verschillende gebieden is heengegaan, dan is zijn geest, het derde, het hoogste deel van de mens, in staat al het astrale, al het zielsmatige, wat van wensen, begeerten en hartstochten is vervuld en dat zich nog aan het zintuiglijke vastklampt, achter zich te laten. En alleen datgene, wat van de ziel de geest toebehoort, wat geest heeft ontwikkeld in het zielsmatige, dat leeft verder, aangezien de mens zich van de geneigdheid, het verlangen naar het zintuiglijke ontdaan heeft. […] “

Hieronder volgt mijn spreuk - drieslag - nog een keer:

Geloof
Ik geloof in mezelf;
ik zelf;
ik word ik.
Koersvast en trefzeker word ik
en ik vereeuwig.
Ongetwijfeld.
(Volkomen vervuld.)
(J.W.)

Liefde
Ik houd van mezelf;
ik zelf;
ik word ik.
Rein van hart zuiver ik.
Daadkrachtig word ik.
Tegelijk word ik wijs.
Tegelijk word ik verdraagzaam.
(J.W.)

Hoop
Ik hoop op mezelf;
ik zelf;
ik word ik.
Werkelijk (weder)belichaam ik.
Meer dan eens word ik onbevangen;
meer dan eens word ik gelaten
en onbevreesd.

(J.W.)

Hiermee sluit ik de blogberichten op Cahier voor dit jaar af. Begin 2018 pak ik hier de draad weer op. Mijn kleine doch trouwe lezerskring en ook passanten wens ik alvast een goede kerst en een fijn oud en nieuw toe. Take care!

NB
Ik had beloofd dit jaar een recensie te schrijven van Thierry Baudets prikkelende boek Breek het partijkartel! – De noodzaak van referenda (Uitgever Prometheus, 2017) en een inzichtelijk blog te plaatsen over het belangwekkende leven en werk van Blaise Pascal (1623-1662). Helaas kwam ik daar niet aan toe. Onder andere dat zal in 2018 volgen.


Literatuur


Die Zeichensprache des Makrokosmos im Markus-Evangelium (GA 124; Berlijn 6 december 1910). (Over Kyrios.)

Kyrios - der Herr der Seele (GA 124, München 12 december 1910) (Wederom over Kyrios)

De zielewereld (GA 53; Berlijn, 10 november 1904); in het originele Duits: Die Seelenwelt (GA 53).

Das Geisterland (GA 53; Berlijn, 17 november 1904).

Theosofie (GA 9; 1904; Stichting Rudolf Steiner Vertalingen, 1994).

Glaube, Liebe, Hoffnung (GA 127; Wenen, 14 juni 1911; bladzijde 182 t/m 191).

Kamaloka (GA 88; 6e voordracht; Berlijn, 2 december 1903).

Leviticus 19:17/18 (De bijbel en de Nederlandse cultuur; Oude Testament).

Marcus 12:31 (De bijbel en de Nederlandse cultuur; Nieuwe Testament).

Instigatie en initiatie (Cahier, 24 april 2017).


Vergelijkingsmateriaal

Dit commentaar van me in de reactieruimte onder het blog Parsifal – Deel 1 (Cahier, 19 december 2016)


Music
Gerry Rafferty
Baker Street

woensdag 6 december 2017

Grace

Met genoegen en met gevoelens van dankbaarheid liep ik vandaag mijn vertaling van de lezing De zielewereld (Rudolf Steiner; GA 53; Berlijn, 10 november 1904) na. Bracht de nodige correcties aan. Elementair. Tekstueel is het zeker (nog) niet perfect. In de huidige staat is ‘t qua taalgebruik stijf en omslachtig. Doch acceptabel van kwaliteit is het nu ieder geval functioneel beschikbaar voor geïnteresseerden die de Duitse taal onvoldoende machtig zijn. De inhoud van deze waardevolle lezing en ook die van de daaropvolgende en daarbij behorende lezing Das Geisterland (GA 53; Berlijn, 17 november 1904) combineert uiteraard goed met de inhoud en strekking van Steiners geschrift Theosofie (GA 9; 1904; Stichting Rudolf Steiner Vertalingen, 1994).

Heel goed dat Pieter Witvliet gisteren in de reactieruimte onder mijn blog Virtues (Cahier, 4 december 2017) wees op een mooie tekst over het leven en werk van Helen Keller (1880-1968): Het inspirerende licht van Helen Keller (Vrije School - Pedagogisch-didactische achtergronden, 31 januari 2014). Heb het helder geschreven stuk met veel interesse gelezen. Wat sterk dat de biografie van deze bijzondere vrouw regelmatig jonge leerlingen van vrije scholen wordt voorgelegd. Daar gaat een gunstige werking van uit.

De autobiografie van Keller, Helen Keller – Mijn levensgeschiedenis (Uitgeverij Wereldbibliotheek, 2005) staat ook in mijn boekenkast. Ze heeft een mooie schrijfstijl en beschrijft diverse essentiële zaken minutieus. A human soul with grace and with insights. Yes indeed. Nog altijd het lezen waard. Waardevol is ook in het boek afgedrukte briefverkeer en de getuigenissen van derden over Keller.

Een kort citaat uit het boek; hoofdstuk 22, bladzijde 110 en 111; Helen Keller over gewaarwordingen en gewaarzijn:



“ […] Het komt mij voor dat ieder mens de vatbaarheid heeft om de indrukken en aandoeningen, die van het begin af door de mensheid ervaren werden, te begrijpen. Ieder wezen heeft een half onbewuste herinnering van de groene aarde en de kabbelende wateren, en noch blind- noch doofheid kan hun dit geschenk van voorbijgegane geslachten ontroven. Deze aangeboren vatbaarheid is een soort van zesde zintuig – een zielsbewustzijn, dat ziet, hoort en voelt tegelijk. […] ”

Another thing. Deze week gaat in het Japan Museum, waar ik werkzaam ben als bewaker, een nieuwe speciale tentoonstelling van start: De gemaskerde krijger. Het strijdtoneel van de samurai (Japan Museum, 8 december 2017 t/m 27 mei 2018). Kijk er naar uit. Reeds van jongs af aan heb ik veel met strijd en strijdelementen. Zeer veel. Misschien zit aan deze tentoonstelling voor mij in 2018 extra werk vast. Dat moet nog blijken. Is in aanvraag. Hoop het. Werk graag voor dit museum en ook de inkomsten zijn voor mij belangrijk.

Tot zo ver. Ik houd het weer kort vandaag.


 Music
Boudewijn de Groot
De Reiziger

maandag 4 december 2017

Virtues

Grumpy. Tijd voor een meditatieve tekst. Soms verschijnen die op Cahier. Niet vaak. Af en toe. Elementen. Koning Vorst stommelt aan de drempel en klopt aan. Een nieuwe winter staat voor de deur. Ik doe open en kou doet intrede. Doortrekt de huid. Doordringt ’t klierstelsel. Huigt ademtocht en stolt bloedvaten op weg naar m’n botten en gewrichten. 'k Stel te weer. Kribbe. Naderende kerst.

Geen proza, geen opstel nu. Slechts drie korte spreuken (met referentiemateriaal).

Geloof

Ik geloof in mezelf;
ik zelf;
ik word ik.
Koersvast en trefzeker word ik
en ik vereeuwig.
Ongetwijfeld.
(Volkomen vervuld.)


(J.W.)

Liefde

Ik houd van mezelf;
ik zelf;
ik word ik.
Rein van hart zuiver ik.
Daadkrachtig word ik.
Tegelijk word ik wijs.
Tegelijk word ik verdraagzaam.

(J.W.)

Hoop

Ik hoop op mezelf;
ik zelf;
ik word ik.
Werkelijk (weder)belichaam ik.
Meer dan eens word ik onbevangen;
meer dan eens word ik gelaten
en onbevreesd.


(J.W.)

Inspiratiebronnen

Opmerkelijk


Tot slot wat Helen Keller aangaat: in 1904 gaf Rudolf Steiner in Berlijn twee lezingen waarin hij de ontwikkelingsweg van deze vrouw en van mensen in het algemeen aan de orde stelde. Titels van die lezingen: Die Seelenwelt (GA 53) en Das Geisterland (GA 53). Deze lezingen horen bij elkaar. Vormen een geheel, maar kunnen ook los van elkaar worden gelezen.

De eerstgenoemde lezing is door mij vertaald naar het Nederlands en naar internet geüpload: De zielewereld (Rudolf Steiner; GA 53; Berlijn, 10 november 1904). Volgend jaar volgt een werkvertaling van de tweede genoemde voordracht.


Helen Keller
Her lifestory in a nutshell

donderdag 23 november 2017

Oh Well

Laat ik vandaag van gedachten wisselen met een Tsjechische politicus die ruim 6 jaar geleden is overleden, maar wiens gedachtegoed welbeschouwd nog springlevend is. Kijken hoe dat bevalt en wat daar uit rolt. Een Europees onderonsje.

Het boekwerk EU of Europa? - Europese eenwording in het licht van de ontwikkeling van de vrije individualiteit (Palladion, Rotterdam; Perun Boeken, 2017) geschreven door Herbert Ludwig en naar het Nederlands vertaald door Ton Jansen, heb ik inmiddels in huis. Besteld bij en aangeleverd door uitgeverij Perun Boeken. Krijg de indruk dat het op dit moment nog niet in boekwinkels ligt. Minimaal op dit moment in ieder geval. Komt brede distributie binnenkort van de grond? Ton Jansen zal met dat thema in 2018 als spreker voortgaand op de trom slaan getuige deze aankondiging op zijn website: Nieuwe serie lezingen in het voorjaar van 2018 : De Verenigde Staten van Europa: droom of nachtmerrie? Europese eenwording in het licht van de antroposofie en van de ontwikkeling van de vrije individualiteit (Website Perun Boeken).

Ton Jansen
Ik weet dat er onder antroposofen heel divers wordt gedacht over invulling van dit thema. Neem bijvoorbeeld de Tsjechische (Tsjechoslowaakse) schrijver en staatsman, dissident onder communistische knoet, Václav Havel (1936 - 2011). Deze man werd over het algemeen sterk bewonderd. Was bij velen geliefd. Ook menig antroposoof omarmde zijn idealen. Of het aan Havel als idealist en als politiek strijder, wanneer het gaat om verwezenlijken van idealen aan een zekere realiteitszin ontbrak, mag echter worden afgevraagd. Die vraag leefde in ieder geval reeds 28 jaar geleden bij me. Herinner me dat ik toen een kort kritisch stukje over zekere ideeën van hem schreef, welke werd afgedrukt in een ledentijdschrift van een schaakvereniging waarvoor ik toen actief was. Heb dat blad helaas niet meer. Zou die tekst wel eens willen teruglezen.

Van vroeg af aan was Havel een mensenrechtenactivist, zijn bemoeienis met Charta 77 wijst daarop. En... hij was een hartstochtelijk pleitbezorger voor de Europese Unie. Dat spreekt heel duidelijk uit zijn toespraak die hij in 1991 of 1996 te Aken hield, in 1991 als prijswinnaar en in 1996 als gastspreker(?), bij een bijeenkomst voorafgaand aan de uitreiking van de Internationale Karelsprijs Aken, een prijs die jaarlijks wordt toegekend aan een of meer personen of een organisatie die zich verdienstelijk hebben gemaakt voor Europese eenwording. Eenwording welteverstaan in een zin zoals de onderhavige prijsuitreiker dat goeddunkt. Een samenvatting van Havels toespraak, EU liefdesverklaring, valt hier te lezen: Er kunnen geen twee Europa's naast elkaar bestaan (Volkskrant, Václav Havel, 18 mei 1996). Een ander tekstdeel uit zijn toespraak van 1991 wordt weergegeven op de webpagina: Toespraak (extract) van Václav Havel (Das Internationale Karlspreis zu Aachen – Für die Einheit des Europas).

Zijn toespraak vormt naar mijn idee een mengelmoes van enerzijds intelligente weegpunten, interessante vraagstellingen en terreinverkenningen en... anderzijds tamelijk naïeve verwachtingen en inschattingen. Een kleine greep uit zijn toespraak, enige deelcitaten ter illustratie, Havel over 'dit Europa', waarmee hij op de Europese Unie van de negentiger jaren van de vorige eeuw doelt, gevolgd door kort commentaar van mijn kant:

Uit: Er kunnen geen twee Europa's naast elkaar bestaan (Volkskrant, Václav Havel, 18 mei 1996). Eerste deelcitaat. Václav Havel:

" [...] Een debat over dit Europa is moeilijk en wordt daarom slechts sporadisch gevoerd. Toch zou elke discussie over Europa en zijn toekomst bij dit Europa moeten beginnen. Met andere woorden: het mag dan vaak niet zo belangrijk lijken, maar al onze vrijblijvende overpeinzingen in de avonduren zouden eigenlijk moeten beginnen met een debat over Europa als een wereld met een bepaald waardepatroon, over Europa's spirituele identiteit of, zo u wilt, over de ziel van Europa, over wat Europa vroeger was en waarin het geloofde, over wat het is en waarin het nu gelooft, over wat het zou moeten of kunnen zijn, en welke rol het in de toekomst zou kunnen spelen. [...] "

Dat is mooi gezegd, maar scheiden geesten zich dan niet snel? Nog sneller dan al te doen gebruikelijk? 'Spirituele identiteit' en 'ziel van Europa', wat kunnen mensen met die aanduidingen als ze daarover met elkaar in gesprek of zelfs in debat moeten gaan? Wordt het dan wellicht niet problematisch, slaat een gesprek dan misschien niet gauw dood, laat staan dat ze echt op gang komt? Begrijp me goed, ik wil niet zeggen dat het niet zinvol is of zinvol kan zijn om het daarover te hebben, integendeel zelfs: per slot van rekening ben ik een antroposoof, maar ik stel wel vast dat door alle lagen en segmenten van de bevolking heen referentiekaders van mensen sterk uiteenlopen.

Uit: Er kunnen geen twee Europa's naast elkaar bestaan (Volkskrant, Václav Havel, 18 mei 1996). Tweede deelcitaat. Václav Havel:

" [...] Om te beginnen wil ik over het Europa in deze derde betekenis opmerken dat het in wezen altijd een ondeelbare politieke eenheid heeft gevormd, hoe enorm divers, rijk geschakeerd en complex gestructureerd het ook was. Dit is niet louter toe te schrijven aan geografische factoren, ofwel aan het feit dat een groot aantal min of meer verwante volkeren op en om een betrekkelijk klein schiereiland waren geconcentreerd. Een veel grotere rol speelde de gemeenschappelijke geschiedenis van duizenden jaren. In de loop van die tijd werden de inwoners, die vaak in multi-nationale rijken met zeer uiteenlopende staatsvormen leefden, aaneengesmeed. Europa is zo een geestelijke eenheid geworden, waar een bepaalde vorm van beschaving bestaat en waarin de diverse landen politiek zo nauw met elkaar verweven zijn geraakt dat een aanval op een van hen, in bepaalde gevallen, tot een desintegratie van het geheel kan leiden. [...] "

'[...] Europa (is) een ondeelbare politieke eenheid [...]'
(Havel)
Nou ja, met aandacht op Europa gericht leeft bij mij meer de idee van deelbare eenheid en een notie van onder andere politieke verscheidenheid.
'[...] Europa is zo een geestelijke eenheid geworden [...]' (Havel)
Wel... van wetgeving en omgangsvormen van 'multi-nationale rijken' kan op inwoners zeker een vormende werking uitgaan, zoals je dat tegenwoordig ook vaak ziet bij samenlevingen, naties waarvan de bevolking multi-etnisch is samengesteld. Dat is evident. Maar mijns inziens kunnen fenomenen als 'geestelijke eenheid' en 'politieke verwevenheid' niet zo makkelijk en eenduidig worden geïnterpreteerd als Havel hierboven meent. Bovendien bestaat er ook nog zoiets als geestelijke diversiteit.

Uit: Er kunnen geen twee Europa's naast elkaar bestaan (Volkskrant, Václav Havel, 18 mei 1996). Derde deelcitaat. Václav Havel:

[...] "Op de lange termijn kunnen we ons eenvoudigweg geen Europa voorstellen dat weliswaar niet door een IJzeren Gordijn in tweeën is gedeeld, maar dat is opgedeeld in een stabiel, welvarend en in toenemende mate verenigd Europa enerzijds en een minder stabiel, minder welvarend en niet verenigd Europa anderzijds. [...] "

'[...] Opdeling van een welvarend verenigd Europa en een minder stabiel, minder welvarend en niet verenigd Europa is op langere termijn onvoorstelbaar [...]'
(Havel)
Dat is wel degelijk voorstelbaar en het is maar net wat je in dit geval onder verenigd en onverenigd zijn verstaat, kan en moet verstaan, en hoe vereniging en ontbreken van vereniging of ontbinden van vereniging gestalte krijgt. En precies in dat proces met die problematiek verkeren Europeanen in de huidige fase van de 21e eeuw.

Uit: Er kunnen geen twee Europa's naast elkaar bestaan (Volkskrant, Václav Havel, 18 mei 1996). Vierde deelcitaat. Václav Havel: 

" [...] Het verenigde Europa zal geen schade ondervinden van een uitbreiding. Op den duur zal het alleen ellende over zich afroepen als het zich niet uitbreid. Vanuit het perspectief van de beschaving bezien, heeft Europa nu een kans die ongehoord is in zijn geschiedenis. Het kan een orde opbouwen die berust op gelijkwaardig, vreedzaam en democratisch overleg met alle betrokkenen. Laat het deze kans lopen, vanwege overwegingen van de korte termijn, puur nationaal belang of zelfs vanwege alleen economische belangen, dan zal het, als geheel, daarvoor moeten boeten. Laat het deze gelegenheid voorbijgaan, dan zal dit, in beide delen van Europa, de deur openen voor al diegenen die meer zien in de confrontatie dan in de dialoog, die zich kortom liever afzetten tegen anderen dan hen als buren te beschouwen. Het is onverstandig om net te doen alsof dit soort mensen is uitgestorven. Of, anders gezegd, de democraten moeten de politieke eenheid van Europa tijdig gestalte geven omdat anders anderen dit op hun manier zullen doen - en de democraten zullen daarvan de gevolgen ondervinden. De demonen die in de Europese geschiedenis zo bloedig hebben huisgehouden - en het meest rampzalig wel in de twintigste eeuw - liggen op de loer. Het zou tragisch zijn als men hun bestaan vergat door alle drukte rond technische zaken als fondsen, quota's en tarieven. [...] "

'[...] Het verenigde Europa zal geen schade ondervinden van een uitbreiding [...]'
(Havel)
Het vooruitgangsgeloof van Havel is 'aandoenlijk'. Laat ik zeggen tragisch. De roze wolkenpartijen in zijn vergezicht zijn heel begrijpelijk. Zeker. Eind vorige eeuw, met de invoering van de euro en het fraai klinkende Europese volkslied, leefden er niet in de laatste plaats bij Oost- en Midden-Europeanen in het voormalig oostblok die zo lang onder een communistische knoet van het Sovjet regime hebben moeten leven hooggespannen verwachtingen.
'[...] De demonen die in de Europese geschiedenis zo bloedig hebben huisgehouden - en het meest rampzalig wel in de twintigste eeuw - liggen op de loer. Het zou tragisch zijn als men hun bestaan vergat door alle drukte rond technische zaken als fondsen, quota's en tarieven [...]' (Havel)
Ja ze liggen op de loer. En meer dan dat. Maar de reden dat ze op de loer liggen en weer actief zijn, op een andere manier als voorheen overigens, is mijns inziens anders dan Havel zich met zijn tamelijk abstracte redeneerwijze voorstelt. En ook Havel speelde dus de 'Nie mehr Krieg' kaart.

Uit: Er kunnen geen twee Europa's naast elkaar bestaan (Volkskrant, Václav Havel, 18 mei 1996). Vijfde deelcitaat. Václav Havel: 

" [...] De enige zinvolle opdracht voor het Europa van de volgende eeuw is zo goed mogelijk te zijn, dat wil zeggen weer volgens zijn beste spirituele tradities te gaan leven om zo op een creatieve wijze bij te dragen aan een nieuwe vorm van mondiale samenwerking. We kunnen het meeste voor de wereld betekenen als we ons gewoon door ons geweten laten leiden. Als we ons, kort gezegd, gedragen zoals iedereen zich volgens ons behoort te gedragen. Wellicht dat iemand dit voorbeeld zal volgen, maar misschien ook niet. We mogen ons niet bij voorbaat laten ontmoedigen. Het loslaten van de gedachte dat het zinloos is je volgens een hoger principe te gedragen zolang anderen dat niet doen of daartoe niet bereid zijn, zal niet eenvoudig zijn. Maar het kan wel. [...] "

Je kan niet zeggen dat het op zich niet edel is, waarvoor Havel pleitte. Daarbij valt op dat hij telkens het woord spiritueel in de mond nam. Wat zijn dan die 'spirituele tradities' waarop hij doelt, naast het door hem nader gespecificeerde 'gewoonweg het geweten' laten spreken(?), welke bij hem gefundeerd lijkt te zijn op een kantiaans beginsel, categorische imperatief: 'zich gedragen zoals volgens ons iedereen zich hoort te gedragen'.

Daarover valt meer te lezen in de biografie Václav Havel - Een leven (Uitgeverij De Bezige Bij, 2014), geschreven door Michael Žantovský. Blogger en journaliste Kristien Bonneure schreef daarover deze boekbespreking (Kristien Bonneure, 29 december 2014). Daarin noteert ze:

Václav Havel. Een leven; boekbespreking van Kristien Bonneure:

'[...] En daarnaast is er de spirituele, niet-religieuze Havel, die spreekt over “het mysterieuze geheugen van het zijn, waarin al onze daden worden vastgelegd en waarin en waardoor ze uiteindelijk hun werkelijke waarde terugkrijgen”, en die nauwe contacten had met aartbisschop Duka (een oude dissidentenvriend) en tot een week voor zijn dood met de dalai lama. [...]'

De Amerikaan Stephen Ludger Lapeyrouse schrijft daar iets meer over in zijn webartikel Thoughts on Vaclav Havel’s Anthropology and Cosmology (Magazine English, 2000). Voor meer over Havel in algemeen historisch perspectief zie deze audiovisuele reportage van CBS News (1992):




Tot zo ver mijn denkbeeldige gedachtewisseling met deze begaafde schrijver en uitzonderlijke staatsman. Wat ontwaar ik nu? Heden ten dage? Right now? Which fine moments? Welke politieke koers zal Duitsland eind 2017 gaan varen? Zullen de CDU/SDU en de SPD toch weer een regeringscoalitie vormen of zullen aldaar weer nieuwe verkiezingen worden uitgeschreven? Of een gedoogde minderheidsregering gevormd? Dat zal spoedig duidelijk worden. Waar het heen zal gaan met Europa, Europa als entiteit, en waarop de Europese Unie afstevent, de Europese Unie als waagstuk, twee niet met elkaar te verwarren grootheden, vormt een vraag die minder snel zal kunnen worden beantwoord. Wat staat op het spel? De 21e eeuw ligt grotendeels nog braak. Welke contouren tekenen zich af? Tja geachte lezer, daarover bestaat zoals U zelf al begrijpt allerminst consensus…


Music
Joe Jackson
Oh Well

vrijdag 10 november 2017

Kennistheorie

Als het gaat om kennistheoretische fundering van een antroposofische kennisweg neem ik tevens pennenvruchten van Carl Unger in acht. Zie diens opstel: Das Ich und das Wesen des Menschen (1910). Vandaag door mij geüpload naar mijn website Antroposofie in perspectief.

In het redactioneel commentaar (GA 127; bladzijde 251) behorend bij een tekstweergave van Rudolf Steiners lezing Aphorismen über die Beziehung von Theosophie (Anthroposophie) und Philosophie (GA 127; Praag, 28 maart 1911; bladzijde 137 t/m 152) wordt aangegeven dat Steiner met betrekking tot een zeker element van een deel van zijn bespreking over relaties tussen subjectiviteit, objectiviteit en voorstellingen (GA 127; bladzijde 146 en 147; eerste alinea van bladzijde 147) in een notitie zou hebben verwezen naar de begrippen “ik” en “niet-ik” zoals die worden behandeld in Carl Ungers betekenisvolle opstel Das Ich und das Wesen des Menschen (Antroposofie in perspectief).

Een eerder door Rudolf Steiner geboden referentiepunt aangaande kennistheoretische fundering van een antroposofische kennisweg staat opgetekend in Steiners schrijven Lebensfragen der theosophischen Bewegung: Theosophie und gegenwärtige Geistesströmungen (GA 34; 1908). Ter illustratie een citaatdeel daaruit, Rudolf Steiner (GA 34; bladzijde 287 en 288):

" [...] Es gibt für den Menschen der Gegenwart zunächst drei Beweggründe, durch die er zur Annahme der theosophischen Vorstellungsart gelangen kann. Der erste ist ein gewisses gesundes Empfinden für die Wahrheit dieser Denkrichtung. Der zweite ergibt sich aus dem Betreten des Weges, welcher in diesen Heften als derjenige zur «Erlangung von Erkenntnissen der höheren Welten» vorgezeichnet wird. Der dritte ist ein bis in die letzten Konsequenzen vorschreitendes, allseitig gründliches Philosophieren. [...] "

Voor belangrijke bijzonderheden over deze drie beweegredenen, drie motieven of drijfveren ('drei Beweggründe') om te komen tot acceptatie van een antroposofische voorstelling van zaken en voor een duiding van hun betekenis en onderlinge verhoudingen leze men dat geschrift in zijn geheel (GA 34; bladzijde 286 t/m 298).

Welbewust laat ik het thema en verschijnsel sadisme hier op Cahier even rusten. In een nog volgend deel van het meerluik Filosofie, wetenschap en antroposofie kom ik daar zeer zeker op terug, want dat onderwerp is uit algemeen-menselijk oogpunt bezien buitengewoon relevant.

Mieke Mosmuller
Volgende week vrijdag ga ik naar een lezing van Jesse Mulder te Driebergen-Zeist: Ik denk – Het denkt in mij: universaliteit en individualiteit in het denken. Eens kijken wat Mulder hierover te vertellen heeft. Zal aandachtig luisteren.

En over twee weken woon ik te Rotterdam een lezing van Mieke Mosmuller bij: Het manicheïsme en de antroposofie. Kennelijk leeft dit thema in Rotterdamse gelederen. Persoonlijk had ik zeker haar lezing Europa's opgave tussen Oost en West willen bijwonen om te zien wat daarbij haar insteek is en hoe zij dat actualiseert. Maar op dinsdagavonden kan ik niet, bovendien is Arnhem is voor mij danig uit de buurt.

De recensie die ik schrijf van Mosmullers boek Die Anthroposophische Bewegung is bedoeld voor publicatie in het februari 2018 nummer van het ledentijdschrift Motief.




Book Review
Liz Attwell
over Rudolf Steiners geschrift
De Filosofie van de vrijheid (GA 4)

vrijdag 13 oktober 2017

Filosofie, wetenschap en antroposofie - Deel 5

Kim Wall (1987 - 2017)
Wat corrigeert een mens, wat houdt hem bij de les, en wat doet hem afdwalen, verleidt of misleidt hem zelfs misschien? En waarvoor is hij ontvankelijk of juist niet?

Stubborn men wake up with nothing. They justify their self without any meaning. Just out of custom. Spooky in fact. Soms moet ik me uitdrukken in het Engels. Er leeft een Brit in me, ‘k heb iets Brits. So no sorry indeed! In front of a mirror – insight - I say to my self: even when a strange face or my Double is glooming me: be true to your self…

Weer terug naar het Nederlands voor zo lang dat duurt. Enerzijds zij daar het fenomeen van wat je levenscorrectie kunt noemen en anderzijds, daaraan verbonden, het is maar waarop je van daaruit wilt wijzen, bestaat er een levenshouding die zich kenmerkt door een zekere mate van ondeugd en narrige plaagzucht. Menigeen steekt de draak met iets. En kennen we dat niet reeds vanaf onze jeugdjaren, plagen of geplaagd worden? Plagen lijkt vrij onschuldig en kan functioneel zijn. Sweet or bitter irony can bring some relief and can stimulate someone to live and think with a little more courage. Prikkelen om een rug te rechten en ogen te openen. To tease.

Maar er zijn gradaties en grenzen. Het kan ziekelijke en destructieve vormen aannemen. Sneller dan je denkt. Plagen is dan een ‘ware plaag’ geworden. Niet voor niets heeft het woord plaag de volgende etymologische wortels, van Dale:

Plaag [onheil]:
plage [wond, onheil, kwelling]
1201-1250, Middelnederlands: plage;
Oud Hoogduits: plaga;
Latijns: [slag, klap, wond, pest];
Grieks: plègè [slag, houw, nederlaag];
Engels: plague.

In het Nederlands gebruik je in zo’n geval dan meestal niet meer het werkwoord plagen, maar verlegd het woordgebruik zich naar ‘pesten’, ‘kwellen’ of zelfs ‘martelen’. Aanvankelijk ongemerkt is er dan iets agressiefs en sadistisch in een handelwijze geslopen. Impliciet stelde ik het onderwerp sadisme aan de orde in deel 1, 2, 3 en 4 van mijn meerluik Filosofie, wetenschap en antroposofie. Vandaag zal dat explicieter zijn. Wederom, zoals aangekondigd in deel 4 van het meerluik, mede aan de hand van ideeën en noties van filosofe Marjan Slob, opgetekend in haar essay Vrij van je natuur – Markies de Sade, één van 19 essays gebundeld in het boek Hersenbeest (Uitgeverij Lemniscaat b.v., Rotterdam 2016/17).

Voordat ik wederom een paar tekstdelen uit Slobs essay zal citeren en becommentariëren wil ik de aandacht van de lezer eerst vestigen op enkele nieuwstijdingen. Recent shocking events. Voor Nederlanders, niet ver van huis, is er de zaak Anne Faber. Een jonge vrouw die de afgelopen twee weken werd vermist en voor wie werd gevreesd dat ze om het leven zou zijn gebracht. Haar lichaam werd gisteren gevonden en ze lijkt het slachtoffer van een lustmoord.

Peter Madsen en Kim Wall
Iets verder van huis, maar misschien ook niet aan uw aandacht ontsnapt, speelt de zaak van de helaas  maar 30 jaar oud geworden Zweedse journaliste Kim Wall. Augustus 2017 kwam zij om het leven. Hoogst vermoedelijk door een bijzonder ernstig misdrijf. Verdachte is de Deense ingenieur Peter Madsen. Wall nam Madsen een interview af in diens zelfgebouwde onderzeeër. Lichaamsdelen van Wall werden daarna uit zee gevist; eerst haar romp en later haar hoofd en benen. Madsen zit al maanden in hechtenis. Hij heeft tegenstrijdige verklaringen afgelegd. Op zijn computer van zijn werklocatie werd een harddisk aangetroffen met filmmateriaal waarop vrouwen worden gewurgd en onthoofd; een politiewoordvoerder verklaarde dat de beelden authentiek lijken. Madsen verklaarde eerder dat hij in het verleden had deelgenomen aan activiteiten van een S/M scene. De zaak is nog in onderzoek. Hieronder een kort audio-visueel nieuwsverslag van de tragedie:


Sadisme en sadistisch handelen is niet altijd gerelateerd aan seks en seksuele lust. En seksueel getint sadomasochisme draait zeker niet altijd uit op dodelijke ongevallen of moord, hoewel dat wel het geval kan zijn. Op internet is veel film- en videowerk beschikbaar van sadistische en sadomasochistische praktijken. Daarbij dienen zich onder andere ‘meesters’ en ‘meesteressen’ aan, die zich een schijn van superioriteit aanmeten en die schijnbaar meester over zichzelf zijn, in ieder geval meester over anderen is de suggestie, en zich daarbij bedienen en laten bedienen door masochistische en/of onderdanige ‘slaven’ of ‘gewillige onderworpenen’. Een bizar rollenspel. Dikwijls op commerciële basis, maar geregeld ook als dagelijkse levensstijl in mensenlevens. In die zin omvat het zeker meer dan alleen een virtuele of gespeelde werkelijkheid. Zulks op vrijwillige of onvrijwillige basis. Maar wat is op dit gebied ‘wil’? Het laat je afvragen wat menselijke wil is of juist niet is. Medemensen aan zich willen onderwerpen en genoegen beleven aan andermans overgave of vernedering of pijn of zelfs vernietiging of andersom. Onderwerpen, (laten) adoreren en/of (zelf)pijnigen, een proces tussen twee of meer mensen, bolstaand van lust- en onlustbelevingen en drang en dwang.

En nu laat ik Marjan Slob weer aan het woord. En wel bij het punt dat zij in haar essay de levenswandel en fantasieën van Markies de Sade (1740 - 1814) opvoert en bespreekt. De Sade daarmee als duistere schaduw van Immanuel Kant (1724 - 1804), die illustere filosoof met zijn 'bekende' categorische imperatief. Hieronder volgen enkele fragmenten uit de paragraaf De duistere dubbelganger. Het eerste tekstfragment hieronder sluit in het essay direct aan bij het laatst weergegeven tekstfragment dat in Filosofie, wetenschap en antroposofie – Deel 4 (Cahier, 29 september 2017) staat weergegeven.

Uit: Hersenbeest; Vrij van je natuur – Markies de Sade; bladzijde 107; Marjan Slob:

De duistere dubbelganger 
“ […] Nou, ik dacht het niet!' zegt een pesterige stem. 'Ik kan lekker expres het kwade doen!' Het is Markies de Sade, alias Kants duistere dubbelganger, of als dat te veel eer is, dan toch in ieder geval zijn 'compromitterende neef' (een frase van Safranski). […] “

‘Lekker expres het kwade doen’. Niet uit een gebrekkig inzicht in je ware situatie; niet als een defect, een falen. Binnen die context karakteriseert Slob De Sade aldus in een notendop.

Uit: Hersenbeest; Vrij van je natuur – Markies de Sade; bladzijde 108 en 109; Marjan Slob:
“ […] De Sade is als een uitdagende, opstandige puber die radicaal voor zichzelf wil denken. Hoor de deuren slaan: ‘Waarom zou je altijd moeten handelen naar je welbegrepen eigenbelang, mijnheer Im-ma-nu-el Kant? Een vrij mens zou vanzelf het goede doen? Nou, hier ben ik, en ik voel juist lust om mezelf en anderen te kwellen! Kijk naar mij: niet iedereen die het kwade doet is dom, gek of irrationeel. […] “

Tja... Ruim twee eeuwen later is een menselijke hang naar het kwade of anders geformuleerd een aantrekkingskracht van het kwade op mensen, of wat je kwaad zou kunnen noemen, onverbloemd aan het oppervlak gekomen. Nu ja, onverbloemd… Nog altijd handelen veel mensen op de tast van verborgen drijfveren en versluierde levensmotieven. Het goed en het kwaad als vraagstuk op zich, ethiek, wat maakt iets goed en wat maakt iets kwaad, slecht, intrinsiek slecht. Een notie van wat goed en wat kwaad is, is er vaak wel, dat weten mensen vaak wel, vroeg of laat, ook op dat vlak heb je immers vroeg- en laatbloeiers, maar kennis over wat er eigenlijk precies met dat goed en kwaad is verbonden en wat mensen tot goed of kwaad handelen drijft, dat is velen vaak veel minder bekend. Vragen als (1) wat maakt dat ik dit goede wil en (2) wat maakt dat ik dit kwade wil monden vaak uit in een lege cirkelredenering en slaafs navolgen van het één of krachteloos resigneren voor het andere. Als het ware met het motto: de vraag stellen, is de vraag beantwoorden. Zulks leidt slechts tot formele antwoorden. Nu wil ik dit omdat ik dit wel wil en dat (andere) wil ik niet, omdat ik dat andere niet of (nu) minder sterk wil! En ik wil dit niet omdat ik dit niet of (nu) minder sterk wil, en dat wil ik wel omdat ik dat (andere) wel of (nu) meer wil!

Zijn dat bij beraad echte antwoorden en werkelijke morele impulsen? Nee op zich niet. Nu ja, dat wil zeggen: in ieder geval niet intrinsiek ethische; in feite is het gehalte van dat soort antwoorden en verklaringen en daaruit voortvloeiend gedrag procesmatig bezien eigenlijk voor een deel amoreel van aard, omdat daarmee louter momentele en repeterende impulsen worden beschreven en gevolgd. Beurtelings wordt dan of het één of het ander uitgeleefd. Per saldo kan dat nog wel fatsoenlijk en betamelijk of aanvaardbaar gedrag opleveren voor de leefomgeving. Voor hoe lang hangt echter af van wat iemand heeft meegemaakt en hoe iemand is geconditioneerd en opgevoed en onder welke condities zulke gedragspatronen kunnen blijven doorwerken en van toepassing zijn en blijven in een (leef)wereld die nu eenmaal verandert. Hier gaat het over houdbaarheid; een houdbaarheidsdatum van zedelijk gedrag van gevormde en min of meer welopgevoede en van min of meer gemankeerde mensen en daarover uitgestreken culturele vernislagen.

Bewust het kwade willen, is dat mogelijk? Jazeker. Het is dagelijkse praktijk. Maar ook hier doet zich de vraag voor, waardoor een mens daartoe komt, wat hem daartoe doet besluiten. Enkel puberale opstandigheid, waarin hij eventueel blijft steken? Of is daar iets anders aan de hand? Wat maakt dat een mens iets verkiest, óf het één óf het andere verkiest? Motief tot handelen. Daar treedt het vraagstuk van vrijheid, menselijke vrijheid in beeld. Wat wil ik, niet zozeer waartoe noopt mijn berekenende of beschrijvende of opgejaagde verstand of onverstand, maar wat wil ik met welke beweegredenen? En wat zal ik verkiezen uit wat ik me bewust ben en ik me bewust maak en wat ik zelf stel en daarmee zelf schep?

Een bladzijde verder in haar essay gaat Slob nog een stap verder:

Uit: Hersenbeest; Vrij van je natuur – Markies de Sade; bladzijde 110; Marjan Slob:
“ […] De uitdaging van De Sade staat nog steeds. Waarom zou het inzetten van je verstand om het kwade te bereiken ‘eigenlijk’, ‘goed beschouwd’, het tekortschieten van dat verstand moeten zijn? Die redenering neigt net iets te veel naar een slaapliedje waarmee wij kinderen van de Verlichting onze bange vermoedens sussen. Het verstand moet wel het goede willen, want met het kwade dat geen gebrek of vergissing is, weten we niet te leven. […] “

Schiet ons verstand in eerste instantie niet vaak tekort als we niet alleen zoveel geweld en terreur om ons heen zien maar daarmee ook moeten leven, geachte lezer? Kan het ons niet verbijsteren? Maakt Slob hier niet ergens een punt? Ergens. Je kunt je bij deze prikkelende redenering van Slob afvragen of het kwade inderdaad geen gebrek of vergissing is, of toch juist wel, en wat het kwaad überhaupt op menselijk terrein en in menselijke termen inhoudt en behelst. Daar wil ik een volgende keer op doorgaan. Wel weer aan de hand van datzelfde actuele en concrete menselijk fenomeen: sadisme. Dat weer vergezeld met enige tekstdelen uit Slobs essay. Met louter abstracte beschouwingen over dit onderwerp en levensthema, spitsvondig opgesteld met hoofdzakelijk theoretische of metafysische begrippen, zou weinig zijn gewonnen. De volgende keer zal ik tevens naar voren brengen waarin onder andere Rudolf Steiner een basis zag voor een evidente sadistische en masochistische menselijke inslag.

Tot zover vandaag. Had in dit verband nog vele andere zaken willen aansnijden, maar de tijd tikt door. Dat dus een andere keer. Morgen weer aan de slag in het Japan Museum te Leiden.


Music
The Animals
The House Of The Rising Sun

dinsdag 10 oktober 2017

Europe & Memoranda

Kort intermezzo: Eerste en Tweede Wereldoorlog en Europa en de Europese Unie in historisch en wijder perspectief bezien en geactualiseerd. Uitgever en schrijver Ton Jansen hield gisterenavond bij de Antroposofische Vereniging afdeling Rotterdam (maandag, 9 oktober 2017) een lezing over de Memoranda van Rudolf Steiner: Die Memoranden vom Juli 1917 (GA 24; bladzijde 339 t/m 385). Dat deed Jansen met verve.

'k Overweeg om te zijner tijd, er verschijnt steeds meer op mijn boekbestellijst, zeg maar verlanglijst, twee boeken hierover aan te schaffen: (1) Het lichtbaken van 1917 - Schets van de drieledigheid van de mens – Ontwerp voor de driegeleding van de samenleving (uitgeverij Via Libra, 2017) en (2) Peter Selgs Die Gegenwart des Vergangenen. Rudolf Steiner und die Aktualität des Jahres 1917 (Verlag des Ita Wegman Instituts, 2017). Voor iets meer informatie daarover zie deze webpagina van boekhandel De Haagse Boekerij: Rudolf Steiner 1917.

Verder verschijnt over pakweg twee weken het boekwerk EU of Europa? op de markt. Het is geschreven door Herbert Ludwig en vertaald naar het Nederlands door Ton Jansen. Jansen maakt hier veel werk van. Duidelijk een zaak die hem nauw aan het hart ligt. Verheug me op de komst ervan. Ben zeker ook benieuwd naar Jansens voor- en/of nawoord en een eventueel notenapparaat. Het boek van Ludwig werd reeds in 2012 in Duitstalige vorm uitgebracht: EU oder Europa: die Entscheidungsfrage der europäischen Entwicklung zur freien Individualität (Google Books). Inmiddels zijn er vijf jaar verstreken. Belangrijke jaren. Maar de thema- en probleemstelling met blootgelegde rode draden is onverminderd actueel en belangrijk. Dubbel en dwars onder redactie van Ton Jansen.

Vanuit menskundig en occult perspectief bezien kan het trouwens zeer zinvol zijn om bij dit onderwerp met de bovenvermelde literatuur evenzo drie naar het Nederlands vertaalde voordrachten van Rudolf Steiner uit GA 178 ter hand te nemen, vervat in het boekwerk: Wederkomst en weerstand - Christus in het etherische (Uitgeverij Nearchus CV, 2013).

Die drie naar het Nederlands vertaalde voordrachten uit GA 178 zijn onderdeel van het thema Individuelle Geistwesen und einheitlicher Weltengrund (uit GA 178; bladzijde 170 t/m 235):
Erster Vortrag, Dornach, 18. November 1917 (bladzijde 170 t/m 193);
Zweiter Vortrag, Dornach, 19. November 1917 (bladzijde 194 t/m 214);
Dritter Vortrag, Dornach, 25. November 1917 (bladzijde 215 t/m 235).

Met m’n vrije midweek was ik in de gelegenheid om een ledenavond bij te wonen. Er gaan misschien jaren overheen dat dit weer zal gebeuren. Neem maar zeer zelden vrij af. Nu druk bezig met literatuuronderzoek in verband met mijn schrijfprojecten. Het verloopt goed. Zoals ik in een recent commentaar zei: aanstaande vrijdag verschijnt op Cahier het blog Filosofie, wetenschap en antroposofie – Deel 5.






Music
Pine Hill Waldorf School U.S.A.
Worldwide Children's Peace Round

vrijdag 29 september 2017

Filosofie, wetenschap en antroposofie - Deel 4

Ruïne Kasteel De Sade
Inleiding

Ook het essay Vrij van je natuur – Markies de Sade van filosofe Marjan Slob, één van de essays uit haar bundel Hersenbeest (Uitgeverij Lemniscaat, 2016/17), is interessant en prikkelend. Lezers van mijn blogs komen bij mijn opmerkingen over verscheidene leesteksten van diverse schrijvers regelmatig de kwalificatie ‘prikkelend’ tegen. Dat is dikwijls een goed teken. Doorgaans vind ik dan iemands schrijftekst helder geschreven en het geboden onderwerp belangrijk en actueel. Los van het feit of ik het wel of niet inhoudelijk eens ben met een eventuele stelling en het betoog van de schrijver. Mij gaat het om de zaak. Een kwestie kan van verschillende gezichtspunten uit worden bezien en behandeld. Met verschillende uitgangspunten, eigen vertrekpunten, kunnen mensen ten aanzien van zekere kwesties en vraagstukken een eind met elkaar oplopen om te zien waar ze samen uitkomen; om te kijken wat zich voordoet als ze, impliciet of expliciet en direct of indirect, over één en ander van gedachte wisselen.

Marjan Slob
Het essay telt tien bladzijden. Eerst behandelt Slob de fenomenen vrijheid en onvrijheid. Wat maakt een mens vrij en wat maakt of houdt hem onvrij, wordt hem tot keurslijf? Dat hangt met name samen met wel dan niet zichzelf meester zijn of meester worden. Daarover plaatst ze de volgende opmerking, waaraan ze direct een ethisch punt koppelt, een waterscheiding tussen goed en minder goed en onjuist of zelfs kwaad handelen. Prelude. Zo werkt ze trapsgewijs in haar essay naar handelwijzen en fantasieën van De Sade toe.


Uit: Hersenbeest; Vrij van je natuur – Markies de Sade; bladzijde 104; Marjan Slob:
“ […] Vrijheid betekent niet alleen dat je doet wat je goeddunkt. Het vereist ook dat je in staat bent om het hoofd te bieden aan impulsen die je eigenlijk kwalijk vindt. Je impuls tot luieren, schransen, afdwalen, wreedheid, ijdelheid, noem maar op. En dat is nog niet zo simpel. Praktisch gesproken niet - dat maak ik althans dagelijks mee. Maar ook principieel niet. Want waarom zou je eigenlijk vrij zijn als je je kleren opruimt, en onvrij als je ze laat slingeren? Vrij als je je beloftes nakomt, en onvrij als je je zakenpartner bedriegt? […] “

Daarmee stelt ze de vraag hoe het precies gesteld is met de relatie tussen ‘vrijheid’ en ‘vrij zijn’ en goed en effectief of ineffectief en onjuist of kwaad handelen. Vervolgens vraagt ze zich wat dat aangaat af 'waarom mensen die niet volkomen impulsief handelen, enigszins vrije mensen, eigenlijk vanzelf op het goede zouden afstevenen'. Een zinvolle vraag. En hierover voert ze de filosoof Socrates (469 - 399 voor Christus) ten tonele die over goed handelen gezegd zou hebben dat het daarbij gaat om verstand en inzicht. Socrates (ik neem aan geparafraseerd door Slob): ‘Als je echt begrijpt wat het goede is, dan doe je vanzelf ook het goede.’ Het omgekeerde zou volgens Socrates, aldus Slob, ook waar zijn: als je iets verkeerd doet, dan toont dat aan dat je het gewoon nog niet goed hebt begrepen. Immanuel Kant (1724 - 1804) zou er een soortgelijke redenering op nahouden:

Uit: Hersenbeest; Vrij van je natuur – Markies de Sade; bladzijde 105; Marjan Slob:
“ […] Immanuel Kant, de Koning van de Verlichting, hield er een soortgelijke redenering op na. Zodra je inziet wat de (morele) wetten zijn, dan handel je ook overeenkomstig die wetten, stelt hij. Voor Kant ben je vrij in zoverre je het goede kunt nastreven. Buiten dit streven, buiten de moraal dus, bestaat vrijheid niet. Daar heerst alleen maar natuurwetmatige noodzakelijkheid. De natuur kent geen kwaad, daar nemen de dingen onbewogen hun loop. […] “

Slob heeft Kant zo begrepen, dat hij in feite stelt 'dat je het goede kunt willen, maar het kwade niet. Dat elk kwaad eigenlijk een tekortschieten is, een gevolg van een nauw perspectief’.

Uit: Hersenbeest; Vrij van je natuur – Markies de Sade; bladzijde 106 en 107; Marjan Slob:
“ […] Het ‘goede’ of het nut dat je najaagt is in dat geval te smal - je denkt bijvoorbeeld alleen aan jezelf, en snapt niet dat je daarmee op langere termijn ook jezelf schaadt (als je roofbouw pleegt op je omgeving zal niets en niemand meer van je houden, werd mij als kind van de jaren zeventig ingepeperd). Je kortzichtigheid maakt je eigenlijk tot een soort kind; je overziet de consequenties van je gedrag niet. Dus als je kwaad doet, geef je daarmee te kennen dat je een gebrekkig inzicht hebt in je ware situatie. Het kwaad is een defect, een falen. Een mens die zijn of haar existentiële situatie waarlijk doorgrondt, wil vanzelf het goede. Noem het welbegrepen eigenbelang, noem het de morele wet - maakt niet uit. Waar het om gaat is dat je je vrijheid goed beschouwd alleen maar kunt - zult - inzetten voor het goede. Kants antwoord lijkt daarmee op de oplossing die Socrates bood. […] “

Rüdiger Safranski
En dan is het moment in het essay gekomen dat Markies de Sade, Donatien Alphonse François de Sade (1740 - 1814), wordt opgevoerd. Er volgt een paragraaf welke de titel De duistere dubbelganger draagt. De Sade is dubbelganger, belichaamde dubbelganger, van wie volgens Slob? Dubbelganger van Kant, tijdgenoot van De Sade. En hier wordt het natuurlijk echt interessant en spannend. Volledigheidshalve vermeldt ze dat de filosoof Rüdiger Safranski na literatuuronderzoek De Sade op zijn beurt had aangeduid als ‘compromitterende neef’ van Kant. Die frase staat opgetekend in Safranski’s boekwerk Het kwaad. Of het drama van de vrijheid (Uitgeverij Atlas, 2003).

De term en het zelfstandig naamwoord sadisme kent vrijwel ieder volwassen mens in Nederland en menig ander land. Het is afgeleid van De Sade. Toepasselijk vanwege diens wrede en gruwelijke fantasieën en deels daadwerkelijk wrede handelwijzen. Het werkwoord sarren (etymologiebank) heeft een verwante betekenis maar andere taalwortels en gaat verder terug in de tijd. Met het blog Filosofie, wetenschap en antroposofie – Deel 5 zal ik een volgende keer dieper op het fenomeen ingaan. Mede aan de hand van het essay van Marjan Slob.


Music
Boudewijn de Groot
Tip van de sluier

donderdag 28 september 2017

Ready to go again!

Mijn woonkamer neemt qua design Scandinavische vormen aan. Nu de kou nog. Kom maar. Dat zit wel goed met de ingetreden herfst en winter die daarop volgt. Stoken doe ik niet. Spartaans. Spaart geldt uit. M’n schrijfbureau en bureaustoel verleden aangeschaft bij IKEA, omringt door eenvoudige IKEA fauteuils, staan netjes opgesteld en zijn nu volop in gebruik. Het leven is goed! Met snel gevulde handen, nu ja heb er hard voor moeten werken, ben ik zo blij als een kind... Gelukkig met kleine functionele dingen des levens waarmee je jaren vooruit kan.

Morgen volgt op Cahier Filosofie, wetenschap en antroposofie - Deel 4, waarmee een focus zal liggen op Marjan Slobs essay Vrij van je natuur – Markies de Sade. Zal me er vandaag en morgen over buigen. Heb natuurlijk al enig voorwerk verricht. Dit is de derde dag van mijn vrije midweek. Besteed hem goed. Over twee weken weer een vrije midweek. Die zal ik dubbel en dwars goed benutten voor mijn schrijfprojecten.

Marc van Oostendorp
Marc van Oostendorp schreef weer een prikkelend blog. Vandaag over taal en taalgebruik in relatie tot (1) denken en (2) communicatie: Taal is niet alleen om mee te denken (Neerlandistiek, 28 september 2017). Een thema dat me een groot deel van mijn leven bezighoudt. Daarom plaatste ik een korte reactie onder zijn blog. Deze:

Mijn reactie op Van Oostendorps Taal is niet alleen om mee te denken:
Belangrijk onderwerp. Prikkelend. Uiteraard hangt taal samen met denken én communicatie. Beide. Evident is taal in beweging en inderdaad is de taaluiting dikwijls multi-interpretabel voor zender en ontvanger. ‘k Schreef eens, meer dan twintig jaar geleden inmiddels, een opstel over (menselijk) taalgebruik en daaraan gelieerde gedrags- en bewustzijnsvormen. Mijns inziens zijn (inter)menselijke fenomenen als ‘alleenspraak’, ‘samenspraak’ en ‘afspraak’ – met hun onderlinge afstemming en spanningsvelden – bepalende levensfactoren vanuit sociaalpsychologisch oogpunt bezien. Nu ben ik in het kader van twee schrijfprojecten bezig met onderzoek van kennistheorieën en vallen me vanzelfsprekend zekere filosofische begrippen en ideeën in het oog die aansluiten bij de door mij genoemde trits en daar nader licht op werpen.

(J.W.)

Let wel: het fenomeen van kennelijke of feitelijke talige tegenspraak - kibbelen, discussiëren, dwars tegen zaken ingaan en dat kenbaar maken enzovoort - vormt natuurlijk ook een hele belangrijke levensfactor en heeft duidelijk eveneens een denkmatig filosofisch equivalent. Absoluut. Denk hierbij met name aan contradicties en paradoxen. Heb ergens nog een oud schrijfschrift liggen, waarin een deel van dat oude opstel staat opgetekend. Zal dat van de week opzoeken en weer eens teruglezen.

Zo. En nu weer verder aan de slag met allerlei zaken. Tot lezens lezer.


Muziek
Earth & Fire
Song of The Marching Children (Album)

maandag 11 september 2017

Keep up the pace

Werkplek bibliotheek Rotterdam
Beperk dit blog van vandaag tot een dagboekaantekening. Inside and outside there is much going on. And I must deal with that. Deel 4 van mijn huidige meerluik laat daarom langer op zich wachten dan gepland en beloofd. Maar deze maand volgt het zeker. Daar kunt u echt van uit gaan, geachte lezer. Het gaat om belangrijke onderwerpen, kwesties waarvan ik denk dat het goed is om ze precies aan de orde te stellen.


Perfectioneer m’n woning als werkplek, hoewel ik het liefst ongestoord buitenshuis met studie- en schrijfprojecten in de weer ben. Misschien stuit ik nog eens op een flexplek die goeddeels aan mijn wensen beantwoordt en betaalbaar voor me is. Volgende week maandag wordt een bureau bezorgd dat ik bij IKEA heb besteld, afmetingen: lengte 2 meter, breedte 60 centimeter en hoogte 74 centimeter. Voorbeeldexemplaar: zie de afbeelding hiernaast. Biedt genoeg ruimte voor mijn desktop, laptop, tablet, leesplank en schrijfgerei. Denk dat ik er een mobiele bureaustoel aan toevoeg. Heb mijn oog laten vallen op een Millberget Kimstad (witkleurig).

Millberget Kimstad
Sprak afgelopen vrijdag een medelid van de Antroposofische Vereniging (AViN). We hadden elkaar een tijd niet gezien. We kennen elkaar van de afdeling Rotterdam. Werd op de hoogte gesteld van zekere ontwikkelingen die daar gaande zijn. Kan de ledenavonden aldaar niet bijwonen vanwege mijn avond en nachtwerk te Leiden. Heb vanochtend gebeld naar een contactpersoon van afdeling Leiden met het idee dat ik misschien daar op maandagen ledenavonden zou kunnen gaan bezoeken, maar de tijdsverhouding blijkt te krap. Met een vouwfiets, die je gratis mee kunt nemen in de trein, zou het waarschijnlijk wel gaan. Eens kijken of ik daar voor kan sparen. Wie weet kan ik ergens in 2018 er dan één aanschaffen. Is überhaupt wel een makkelijk en nuttig ondersteunend vervoersmiddel als je veel onderweg bent.

Ben blij dat de herfst zich aandient. Houd van dat jaargetijde. Wel goed kleden natuurlijk. Niet onnodig verkouden raken en zo. Tot zo ver dit korte tussenbericht. Nu weer aan de slag. Heb me voor even geïnstalleerd in de studiezaal van de bibliotheek Rotterdam aan de Hoogstraat.


Music
Erik Satie
Once Upon A Time In Paris

donderdag 31 augustus 2017

Filosofie, wetenschap en antroposofie - Deel 3

Over het ware, schone en goede wordt veel gesproken en geschreven. Dat geschiedde natuurlijk niet alleen bij de oude Grieken... (Plato en Aristoteles.) Het ware en onware, schone en afgrijselijke en dat wat goed of kwaad wordt geacht vormt voor een mens dikwijls motief tot handelen, bepaald dikwijls een fors deel van zijn doen en laten. Of het daarbij welbeschouwd enkel om particuliere belevingen en voorstellingen gaat, de wereld is mijn – gewenste of ongewenste – voorstelling (Schopenhauer en Kant), is voer voor filosofen en psychologen, maar gaat in de dagelijkse levenspraktijk natuurlijk veel meer mensen aan.

Maakt een mens als persoonlijkheid en individu deel uit van een groter geheel, bestaat er een werkelijkheid, een deelbare en gelaagde werkelijkheid, een wereldbestaan van werkelijkheden die kenbaar is voor mensen, echt kenbaar? Of is een mens gedoemd om op te gaan in louter subjectieve voorstellingen en belevingen die hij deels wel en deels niet deelt en cultiveert met zijn medemensen; puur klankbord en taalcultuur?

Ben ik, John Wervenbos, eigenlijk bijzonder naïef als het gaat om streven naar kennis en vervolmaking? Dat denk ik niet, maar overweeg ik toch paradoxaal genoeg, omdat er een laag is in mijn ziel, mijn psyche, dat onderken ik (reeds jaren), waarin ik alles overweeg en alles betwijfel en dat in toon, in klank omzet (schrijven, spreken en denken in monoloog en dialoog vorm). Zie de eerste strofe van mijn meer dan twintig jaar geleden geschreven spreuk Samenwerken. De reflectie in dit blog doet tegelijk denken aan de inhoud van mijn blog Schone wereld en schone schijn (Cahier, 16 juli 2016).

Voordat ik inhoudelijk inga op Marjan Slobs essay Vrij van je natuur – Markies de Sade, dat doe ik in deel 4 van het meerluik, is het goed om de beschouwing van vandaag (deel 3) voor het voetlicht te brengen. Schreef al eerder op Cahier dat ik op achttienjarige leeftijd, als adolescent dus, bij een verjaardagspartij opeens als het ware ‘bevroor’ voor me uit staarde en mezelf waarnam en dacht - het was een voornemen en (zelf)belofte:

“Hoe zit dat toch met mens en wereld, waaruit zijn ze ontstaan (oorsprong) en waarnaar zijn ze op weg (bestemming). Daar kom ik achter. Dat weet ik zeker!”

Ik meen dat dit voor mij aan het uitkomen is. Uiteraard denken andersdenkenden daar anders over (tautologie). Dat heb ik vaker in mijn leven, zulke beloften en voorbelevingen die sporen met naderende werkelijkheden. Mijn moeder zei eens over me toen ik nog een kind was, John kan zich inleven en dingen aanvoelen.

Frozen Butterfly
Op twaalfjarige leeftijd bijvoorbeeld vroeg mijn toenmalige schoolmeester aan alle aanwezige leerlingen in de klas: wat wil je worden later? Veel kabaal om me heen. Veel vriendjes en vriendinnetjes stoven op vanuit hun schoolbanken en riepen dit of dat en sommige beeldden toen ook het beroep uit dat hen voor ogen kwam. Wat een effect hadden die woorden, die simpele vraag van de onderwijzer. And me? I was frozen again. Zat als versteend achter mijn tafel, keek vooruit, letterlijk en figuurlijk, er verscheen slechts één beeld met begeleidende woorden.

Een concreet beroep werd ik me daarmee niet bewust. Wel, in etappes althans, de strekking van een latere levensepisode en levenssituatie die pakweg dertig jaar zou bestrijken. Als twenner trad deze jeugdervaring in herinnering, nadat die natuurlijk eerst snel in vergetelheid was geraakt. En pas toen begon ik hem te duiden. Waar de woorden en het beeld op sloegen werd ik me vanaf dat moment bewust aan de hand van concrete levenservaringen. Hoewel ik kan begrijpen dat mensen kunnen denken dat het hier gaat om een enkele hinein-interpretatie, een loutere jeugdervaring zonder werkelijkheidswaarde, weet ik wel beter. Zeker weten. Geen gemakkelijke levensperiode, beslist niet. En wis en waarachtig niet zonder zekere gevaren. Maar ik heb het doorstaan. Hij liep van mijn twennerjaren tot in mijn jaren als vijftiger. Nu breekt er meer vrijheid aan. Innerlijke vrijheid. De wissel die mijn huidige werk - bewaker in een hotel en museum -  op mijn gestel en beschikbare tijd trekt, doet daar niets aan af. Absoluut niets. Om het beeldend uit te drukken: geestelijk bezien kom ik vrij. Uiterlijke status doet mij niets. He-le-maal niets… Ben ik in de ogen van een ander een 'paard van de schillenboer' of iets van die orde? Whatever!

Hoe verhouden verlichtingsdenken en noties van karma en reïncarnatie zich tot elkaar? Als je die vraag stelt kunnen in het bijzonder gedachten uitgaan naar het leven en werk van een zekere Duitse schrijver actief in die culturele periode: Gotthold Ephraim Lessing (1729 - 1781). Hij schreef immers het werk De opvoeding van de mensheid (Uitgeverij Het Wereldvenster, Baarn, 1979). Mijn inziens mag de betekenis van dit werk niet worden onderschat. Hoewel dat natuurlijk wel gebeurt. Sterker nog bij menigeen is het in vergetelheid geraakt en van de spaarzame die het wel kennen zijn er vele die vinden dat ze het niet serieus mogen nemen. Persoonlijk vind ik de volgende woorden van Rudolf Steiner over het werk wel behartigenswaardig. Daarmee sluit ik dit blog af. Zie het onderstaande.


Uit: Rudolf Steiners lezingenreeks Wegen naar Christus (Uitgeverij Christofoor, Stichting Rudolf Steiner Vertalingen, 1993; eerste voordracht, Karlsruhe, 5 oktober 1911; tekstdeel bladzijde 64 tot en met 66; Rudolf Steiner:

“[…] Eén ding moeten wij ons wel realiseren: er is een enorm verschil, niet in de idee van de terugkerende aardelevens zelf, maar tussen de manier waarop men in het westen zuiver denkend tot die idee is gekomen en de manier waarop bijvoorbeeld het boeddhisme die idee uitdrukt. Wat dat betreft is het zeker interessant om eens na te gaan hoe Lessing in De opvoeding van de mensheid op deze idee van de terugkerende aardelevens is gekomen. Het resultaat is uiteraard vergelijkbaar, ja identiek met de reïncarnatiegedachte in het boeddhisme - maar de weg is bij Lessing totaal anders. Natuurlijk kende men de weg die Lessing volgde ook helemaal niet. Welke was dat dan?

Dat kunnen we heel precies zien als we De opvoeding van de mensheid doornemen. We mogen zeggen: in de ontwikkeling van de mensheid zelf is strikt genomen een vooruitgang te zien. Lessing zegt dat zo: deze vooruitgang is een opvoeding van de mensheid door de Goddelijke machten. En dan zegt hij verder: de godheid gaf de mens een eerste basisboek, het Oude Testament. Daarmee werd de grondslag gelegd voor een bepaalde fase van de menselijke ontwikkeling. En toen de mensheid zich verder had ontwikkeld, kwam het tweede basisboek: Het Nieuwe Testament. En zo ziet Lessing in onze tijd iets dat boven het Nieuwe Testament uitgaat: een zelfstandig ervaren van het ware, schone en goede door de menselijke ziel. Dat is voor hem een derde fase van de goddelijke opvoeding van de mensheid. Op grandioze wijze heeft Lessing deze gedachte van de opvoeding van de mensheid door de goddelijke machten uitgewerkt.

En toen ontstond in hem de gedachte: wat is de enig mogelijke verklaring voor deze vooruitgang? De enige verklaring die Lessing ervoor kan geven is dat iedere ziel deel heeft aan iedere cultuurperiode van de mensheid, wil het zin hebben dat er in de ontwikkeling van de mensheid vooruitgang plaatsvindt. Want het zou geen zin hebben als de ene ziel alleen zou leven in de cultuurperiode van het Oude Testament en een andere ziel alleen in de periode van het Nieuwe Testament. Het heeft alleen zin als onze zielen door alle cultuurperioden worden geleid en aan alle opvoedingsniveaus van de mensheid deelhebben. Met andere woorden: wanneer de ziel zo door verschillende aardelevens heengaat, dan heeft de voortgaande opvoeding van mensheid werkelijke betekenis.

Daarmee licht de betekenis van de terugkerende aardelevens in Lessings denken op als iets dat bij de mens hoort. Want de diepere achtergrond is voor Lessing het volgende: wanneer een ziel ten tijde van het Oude Testament geïncarneerd was, dan heeft ze in zich opgenomen wat ze in die tijd in zich op kon nemen; wanneer de ziel dan in een latere tijd weer verschijnt, brengt ze de vruchten van het voorafgaande leven mee in het volgende leven, de vruchten van het tweede leven weer in het daaropvolgende, enzovoort. Zo werken de opeenvolgende fasen door in de ontwikkeling. En wat een ziel zich eigen maakt, dat heeft ze niet alleen voor zichzelf verworven maar voor de hele mensheid. De mensheid wordt een groot organisme, en het reïncarnatiebeginsel wordt voor Lessing een noodzaak opdat de hele mensheid verder kan komen. Het is dus de historische ontwikkeling, de gemeenschappelijk zaak van de hele mensheid waar Lessing van uitgaat en die hem tot het aanvaarden van de reïncarnatiegedachte brengt.

Anders is het als we dezelfde gedachte in het boeddhisme opzoeken. Daar heeft de mens met zichzelf te maken, enkel en alleen met de eigen psyche. Daar zegt de individuele ziel: ik ben in de wereld van Maya terechtgekomen, en in de loop van mijn incarnaties bevrijd ik mij als individuele ziel van deze aardse incarnaties. Daar is het een zaak van een individu; daar is de blik gericht  op het afzonderlijke individu.

Dat is het grote verschil in benadering: of je het van binnenuit bekijkt zoals in het boeddhisme, of van buitenaf zoals Lessing doet, die zijn blik op de ontwikkeling van de hele mensheid richt. Steeds is het resultaat hetzelfde, maar de weg erheen is in het westen heel anders. Terwijl de boeddhist zich beperkt tot de aangelegenheid van de individuele ziel, is de blik van de westerling gericht op de aangelegenheid van de hele mensheid; de westerse mens voelt zich met alle mensen als in een organische eenheid verbonden.

Hoe komt het nu dat de westerse mens de noodzaak voelt niet alleen aan de individuele mens te denken, maar bij de belangrijkste aangelegenheden altijd voor ogen te houden dat het daarbij om de hele mensheid gaat?

Die noodzaak voelt hij doordat hij de woorden van Christus Jezus over de verbroedering van de hele mensheid tot een groot organisme, dat uitgaat boven alle nationaliteiten en alle rassen, in de sfeer van zijn gemoed, in zijn gevoelswereld heeft opgenomen. [...]”

Music
Radiohead
Creep

Overzicht van alle blogberichten op Cahier - Nieuwer bericht boven en ouder bericht onder

2017

Wordingskracht – 11 december 2017

Grace – 6 december 2017

Virtues – 4 december 2017

Oh Well – 23 november 2017

Kennistheorie – 10 november 2017

Filosofie, wetenschap en antroposofie – Deel 5 – 13 oktober 2017

Europe & Memoranda – 10 oktober 2017

Filosofie, wetenschap en antroposofie – Deel 4 - 29 september 2017

Ready to go again! – 28 september 2017

Keep up the pace – 11 september 2017

Filosofie, wetenschap en antroposofie - Deel 3 – 31 augustus 2017

Filosofie, wetenschap en antroposofie - Deel 2 – 28 augustus 2017

Dienstmededeling over deel 2 van meerluik – 21 augustus 2017

Filosofie, wetenschap en antroposofie - Deel 1 - 14 augustus 2017

Kelk – 7 augustus 2017

Wishes and embodiments – 3 augustus 2017

Foreshadowing – 31 juli 2017

Schimmenrijk – 24 juli 2017

Faust & Helena – 17 juli 2017

My Way – 10 juli 2017

Independent – 3 juli 2017

Wetenschap en ontwikkelingswegen – 27 juni 2017

Perceptie en oude windselen – 26 juni 2017

Memories – Friendship – 19 juni 2017

Volle teugen – 12 juni 2017

Society: human predestination or self-determination – 5 juni 2017

Innerlijke vrijheid – 29 mei 2017

Purify and Enlighten Someone – 22 mei 2017

Nature and nurture from a inner perspective – 15 mei 2017

Brief Message – 13 mei 2017

Opklaring - 11 mei 2017

Inside, outside, upside down – 8 mei 2017

Zien – 6 mei 2017

On-of-a-kind (Parsifal – Deel 8) – 1 mei 2017

Perceptie – 27 april 2017

Instignatie en initiatie – 24 april 2017

Zelfbestemming – 21 april 2017

Genuine – 17 april 2017

Inleiding intermezzo aforismen, gedachten en epigrammen – 13 april 2017

Friend – 24 maart - 2017

Time-out – 6 maart 2017

Human Behavior – 3 maart 2017

Parsifal – Deel 7 – 27 februari 2017

Parsifal – Deel 6 – 20 februari 2017

Judith von Halle – 18 februari 2017

Aforisme en perikel – Lichtflits en experiment – 13 februari 2017

Living – Foolish or not – 6 februari 2017

Parsifal – Deel 5 – 30 januari 2017

Parsifal – Deel 4 – 20 januari 2017

Parsifal – Deel 3 – 6 januari 2017

Feestdagen en Nieuwjaar – 2 januari 2017

2016

Parsifal – Deel 2 – 30 december 2016

Parsifal - Deel 1 – 23 december 2016

Tell me – 16 december 2016

Twee zielen (en niet één gedachte) – 12 december 2016

To become – 5 december 2016

Digitale geletterdheid – 28 november 2016

Onbehagen – 21 november 2016

Weekly basis – 14 november 2016

Braintwisters and inner demons – 23 september 2016

Polsslagen der tijd – 19 september 2016

Funderen – 15 september 2016

Misunderstanding – 8 september 2016

Shine – 4 september 2016

Delicaat – 29 augustus 2016

Literatuurbeschouwing – Deel 1: Literatuur als kunstuiting – 26 augustus 2016

Versnellen – 9 augustus 2016

Autonomie – 8 augustus 2016

Fighting spirit - 29 juli 2016

Wijziging vorm en inhoud van weblog Cahier – 24 juli 2016

Mara’s influence on literature writers – 22 juli 2016

Schone wereld en schone schijn, 16 juli 2016

Verbeelden – 14 juli 2016

Macht van markten en staatscontrole - 1 juli 2016

Brexit – Synopsis – 27 juni 2016

Female – 13 mei 2016

Progress – 5 mei 2016

On the March –Dienstmededeling – 25 april 2016

Over napijn, genezing en nadere toekomst – 17 april 2016

Pijn of geen pijn: een queeste en vraagstuk – 15 april 2016

2015

Dagelijks leven met in- en toewijding - 17 december 2015

Respect – 12 november 2015

Vitaliseren én wijzer worden – 9 november 2015

True nature – 5 november 2015

Simple & Not fade away – 29 oktober 2015

Literaire wegen (bezien tegen een Rotterdamse achtergrond) – 4 september 2015

Anticiperen en participeren – 22 februari 2015

Mijn schrijfwerk en wedervaren; derde maanknoop en negende levensfase – 8 februari 2015

2014

Productieve kracht laten gelden – 20 december 2014

Open wond – 1 december 2014

Over spreuken 2, 3 en 4 op weblog Sprüche in Prosa – 9 november 2014

Uit de nacht – 31 oktober 2014

Sturm und Drang en jaren die tellen – 15 oktober 2014

Citeren uit 'Sprüche in Prosa' in voorbereiding – 12 september 2014

Short one - Home Sweet Home - Rhine Harbour – 1 september 2014

Sergej O. Prokofieff en het thema van vergeestelijking van het fysieke lichaam – 5 augustus 2014

Karma van de Antroposofische Vereniging in Nederland herkennen en erkennen – Jaar 2014 – 8 juni 2014

Gezamenlijke verantwoordelijkheid – 11 mei 2014

Kunst, religie en wetenschap & mythen en mysteriescholen – 29 april 2014

Light capture – 19 april 2014

Preoccupaties – 7 april 2014

Ondernemen – Bezield en sociaal – 25 maart 2014

Schoonmaakwoede – 22 maart 2014

Politieke (geheim)taal: centraal gestelde decentralisaties rijkelijk uitgedragen – 16 maart 2014

Antroposofie en wetenschapsfilosofie (3) – Afbaken – 8 maart 2014

Antroposofie en wetenschapsfilosofie (2) – Eigen koers – 14 februari 2014

Antroposofie en wetenschapsfilosofie (1) – Voorspel - 12 februari 2014

2013

Integriteit en vrijeschoolonderwijs in toekomstperspectief – 20 juli 2013

Nieuwe koers – 22 juni 2013

Rotjeknor - We doen het zelf wel - 10 mei 2013

Nieuw orgaan - Karma en reïncarnatie - Honderd jaar terug – 1 mei 2013

Weegfactoren en onderscheid - 1 april 2013

Sociale driegeleding door de bank genomen - 26 maart 2013

Over helderziendheid en voortschrijdend inzicht - 9 maart 2013

Sympathie voor Iblis - 13 februari 2013

Money voor nothing... or love don't search itself? - 8 februari 2013

Stokken stopt - 27 januari 2013

Imagine: spielerisch to be honest - 16 januari 2013

Verbijstering, bewilderment (perplexity) en Verwirrung is kwestie van beschaving - 6 januari 2013

Dubbelblind slim - Open je ogen - 3 januari 2013

Judith von Halle en Junko Althaus - 1 januari 2013

2012

Wagners worstelingen anno 2012/13; Wagner uit Goethes Faust - 15 december 2012

'Heilig' mantra: groei, groei en nog eens groei! - 11 december 2012

With double in mirrors - 25 november 2012

Sneltreinvaart - 19 oktober 2012

Voorsorteren op digitale snelweg - 14 oktober 2012

De bijen en het Woord - 8 oktober 2012

Manifestaties van het licht - 30 september 2012

Chemische Bruiloft - 25 september 2012

Danige deining - 21 september 2012

Zinnen verzet, orde op zaken gesteld, en weer back to business as (un)usual - 24 augustus 2012

Beramen en benevelen - 22 juli 2012

Facing Mirrors and Signs on the Wall with feet on Earth - 21 juli 2012

Bloggen en bloggers online and offline - 20 juli 2012

Stilaan stilstaan - 17 juli 2012

Plaatselijke sufferdje - 2 juli 2012

Terry Boardman on Actualities - 28 juni 2012

Economieën op drift en vaart of stagnatie der volkeren - 17 juni 2012

Wisseling van de wacht - 10 juni 2012

Bredere economische horizon - 8 juni 2012

De eigenlijke Europese munt: eureka’s - 3 juni 2012

Dienstmededeling: internetadres Cahier gewijzigd - 3 juni 2012

Life with music - 3 juni 2012

Weer aan de bak - 2 juni 2012

2011

Uitweidingen over het Marcus-evangelie - 2e tekstdeel - 18 april 2011

Uitweidingen over het Marcus-evangelie - Eerste tekstdeel - 11 april 2011

'Vereeuwigen' van teksten en plaatjes – Hardlopers en doodlopers - 4 april 2011

Culturele verscheidenheid en tijdsopgaven – Karma en reïncarnatie in de praktijk - 2 april 2011

Oponthoud - Reactie volgt nog - May the Force be with You! - 28 maart 2011

Blad voor de mond nemen of absolute waarheid verkondigen - 25 maart 2011

Japanese houding en inborst bij breuklijnen en waterscheidingen - 23 maart 2011

Living on the edge – Japan - 21 maart 2011

Preludes en dissonanten - Recapitulatie en overzicht - 19 maart 2011

Psychologie en genetica van (vleesgeworden) arrogantie - 13 maart 2011

Moderne literatuurkritiek – Waar gaat het over? - 12 maart 2011

The aftermath – Slotwoord bij drieluik over Judith von Halle - 11 maart 2011

Vermeende inwijding - Judith von Halle - 6 maart 2011

Saturday - 4 maart 2011

Hey Jude – Make it better - 3 maart 2011

Sign of times – Judith von Halle for instance - 2 maart 2011

Wie is wie met wie? – Willen echten echt opstaan! - 1 maart 2011

Leidraden, labyrinten, uitwegen en valkuilen - februari 2011

M. Vasalis en Naema Tahir - Niet kijken op een dag - 27 februari 2011

Waar staat Europa bij stil? - 12 februari 2011

Omgekeerde cultus (Michaël) en Faust - 7 februari 2011

Energiek vooruit - 29 januari 2011

Pauselijk bannen - Pro-actief 'herderschap' - 17 januari 2011

Start van het nieuwe jaar: 2011 - 11 januari 2011

Anders gepland - Datum verzet - 9 januari 2011

2010

Geesteswetenschap – Hoe werken de engelen in ons astrale lichaam? - 25 december 2010

Introductie van de bewustzijnsziel - Geschiedkundige impuls - 20 november 2010

Rol van Pentagon bij oorlog en vrede - Kennisworstelingen - 13 november 2010

Vergewissen van wiskunde - 27 oktober 2010

Vooral geen water geven en zeker geen koffie morsen - 24 oktober 2010

Proactieve interactie - Michel Gastkemper over Antroposofie Monitor - 14 oktober 2010

Voor- en achterland - Volkerenkunde - 14 oktober 2010

Open internetgemeenschap - 9 oktober 2010

Symbiosen en gedeelde belangen - 3 oktober 2010

Draken van onderwerpen - Wie stelt wie met wat aan de kaak? - 30 september 2010

Feit en fictie & Begrip en inzicht - Koers Antroposofische Vereniging - 29 september 2010

Hoofdkwartier antroposofische vereniging - 27 september 2010

Digitale bibliotheek - Zeno.org - 26 september 2010

Voetbal en vechtsporten zijn niet uit den boze - 25 september 2010

Full moon almost - Spiritual shopping or tell what you can sell - 27 september 2010

Hedendaagse maieutiek - 20 september 2010

Not asleep yet - 18 september 2010

Nederlandse vertaling Steiners voordrachtencyclus over Filosofie van Thomas van Aquino - 16 september 2010

Gemoederen in en rond de Antroposofische Vereniging - Taja Gut - 16 september 2010

Hemelvaartsdag 2010 - 13 mei 2010

Stralende lentedag - 6 mei 2010

Start - 28 april 2010

Vertalen - Translate