donderdag 27 april 2017

Perceptie

Louter sympathie voor wat waar, schoon en goed en enkel antipathie voor wat onwaar, wanstaltig en kwalijk wordt geacht, bevatten niet de stootkracht om werkelijk zelfbewust een krachtig zedelijk leven te leiden. Daar is meer voor nodig. 
(J.W.)

Dit althans naar mijn ervaring. Voor een ander is dat misschien anders.

Er zijn mensen die hun gelijke liefhebben en opzoeken en zulke die hun tegendeel liefhebben en die onderzoeken. 
Johann Wolfgang von Goethe; uit zijn Sprüche in Prosa, hoofdstuk Psychologische waarnemingen

Goed gezien. Dat is evident.


Vergelijkingsmateriaal en studiestof:
De opstanding van het denken – De val van het intellect en de overwinning van de geest (Uitgeverij Pentagon, 2012)

maandag 24 april 2017

Instigatie en initiatie

Goethe's aankomst in het Elysion
Bericht uit een onderwereld: Styx
Op verkenningstocht. Is ‘liefde’ waard in en rond zulke contreien?
Zielsmatige relatie tussen mezelf, het andere en anderen.
Drie vormen van gemis:
a. verlangend gemis
(anxious; ongeduldig of vertoornd: wees er nu of spoedig);
b. existentieel gemis
(to be or not to be; smartelijk, kwetsbaar, verteerd: kan niet zonder);
c. progressief en draaglijk gemis
(feel pity – not self-pity – and, with inner sense, want the same; het welzijn en de ontwikkeling van wie ik mis of van die die iets mist of iets waaraan iets waardevols ontbreekt staat voorop).
(J.W.)

Zo kan een mens, zaken in breder perspectief trekkend, worstelen met zekere levensvoorvallen en daarmee verbonden deugden en ondeugden. Culminatie van dramatische levenswendingen en daaropvolgende loutering, katharsis en verlichting. In dit geval gaat het vooral om ontwikkelen en scherpen van de deugd dapperheid aan de ondeugd verzoeken/verleiden (laten verleiden of zelf verleiden) en de deugd wijsheid/verstandigheid of schranderheid aan de ondeugd vergissen (zaken verkeerd opvatten; creëren en/of ondergaan en laten bestaan van misverstanden). Voor meer bijzonderheden daarover zie de literatuurverwijzingen onderaan.

Het is de vraag wat moeilijker is: te denken of niet te denken. De mens denkt uit aandrift en iedereen weet hoe moeilijk het is een drift te onderdrukken. De kleine geesten verdienen nu werkelijk niet de verachting waarmee men hen nu in alle windstreken begint te bejegenen. 
Georg Christoph Lichtenberg; een korte bespiegeling uit het boekwerk Donderslagen op muziek – Een keuze uit zijn kladboeken (Uitgeverij G.A. van Oorschot, Amsterdam, 1987)

Aandrift… Ja. Treffend voorbeeld van een spijker op de kop slaan. De term ‘kleine geesten’ is hier zeker niet denigrerend bedoeld. Lichtenberg bediende zich regelmatig van dubbele ironie. Donderslagen op muziek is een kostelijk en leerzaam boek, waaraan een mens zich goed kan laven. Hij was een originele denker en een scherpe waarnemer, daarbij begiftigd met een levendig voorstellingsvermogen. Zelfobservatie ging hij gelukkig ook niet uit de weg.


Georg Christoph Lichtenberg (1742 – 1799)
Donderslagen op muziek


Vergelijkingsmateriaal en studiestof:
Kamaloka (GA 88; 6e voordracht; Berlijn, 2 december 1903); lezing van Rudolf Steiner (1861 - 1925) over het morele leerterrein voor ’s mens levensbestaan tijdens zijn leven op aarde; zeven deugden en ondeugden en het oord van verlangen(s).
Tugend (Anthrowiki)
Tapferkeit (Wikipedia)
Klugheit (Wikipedia)
Kardinaltugend (Wikipedia)
○ Het prachtige en diepzinnige gedicht Charon van Johann Wolfgang von Goethe (1749 - 1832) over het vege lijf (redden) en zien en weerzien en vereniging en hereniging van geliefden onder dramatische omstandigheden, meegevoerd door de veerman en gids (and gatekeeper) Charon.
○ Dit fijngevoelige gedicht is functioneel opgenomen in Rudolf en Marie Steiners voordrachtencyclus Die Kunst der Rezitation und Deklamation (GA 281; 1920/21/22; bladzijde 31). Voor iets meer daarover zie ook deze tekstpassage uit het boek Howe the New Art of Eurythmy Began: Lory Maier-Smits, The First Eurythmist (Uitgeverij Temple Lodge, 1997).


Dante Alighieri (1265 – 1321)
Documentaire (achtergrond, beschrijving en interpretaties)

vrijdag 21 april 2017

Zelfbestemming

Vraag mij niet waaruit ik zal blijken, zie me liever niet waar ik niet sta. 
(J.W.)

Bij intermenselijk verkeer kan dat dwars door alles heen als levensgevoel opspelen.
Basta! Loop me niet voor de voeten! Metsel me niet in! Laat je desnoods verrassen… Aangenaam of onaangenaam. Lucht, geef me lucht en de ruimte waarin het windstil is of waait of stormt!
Als ware er een (dreigende) oorlog van één tegen vele, of vele tegen één, of één op één of van allen tegen allen. Actueel of potentieel.
Zo hoeft 't niet te zijn. Het kan. Onderhuids, vaak terecht, soms gewaand, rumoert regelmatig: don't box me in and don't count me out. Sociale en antisociale impulsen wisselen elkaar af.

Vermoedelijk doet de gelijkstelling van het hoogste goed met geluk aan als een gemeenplaats. Wat we nog missen is een duidelijker uiteenzetting van wat het hoogste goed is. Misschien lukt die wel als wij erachter komen wat de eigen taak van de mens is. Zoals men immers van een hoboïst, een beeldhouwer en elke kunstenaar en vakman – en in het algemeen van alles wat een eigen functie en activiteit heeft – zegt dat het goede en het welslagen in die functie besloten zijn, zo kan men dat ook van de mens zeggen, als hij tenminste een eigen functie of taak heeft. Zouden een timmerman en een schoenmaker elk een eigen functie en activiteit hebben terwijl de mens er geen heeft? Heeft de natuur hem dan geen eigen taak toebedeeld? Of mogen we aannemen dat, net zoals een oog, een hand, een voet, kortom, elk lichaamsdeel een eigen functie heeft, ook de mens naast al deze afzonderlijke functies een eigen taak heeft? 
Wat kan die taak dan wel zijn? Het leven blijkbaar niet, want dat komt zelfs aan planten toe, terwijl wij nu juist op zoek zijn naar wat specifiek is voor de mens. Wij moeten de vitale functies van voeding en groei dus uitsluiten. Daarop volgt een niveau van leven dat gekenmerkt wordt door zintuiglijke waarneming. Ook dat lijkt een mens gemeen te hebben met een paard, een rund en alle andere dieren. Wat dus overblijft is een leven dat men actief kan noemen, het leven van het rationele deel van de ziel. In het rationele deel van de ziel kan men een onderscheid maken tussen het element dat aan de rede gehoorzaamt en het onderdeel dat de rede bezit en de denkfunctie uitoefent. En omdat ook dit leven op twee manieren verstaan kan worden, moeten we het hier in de zin van activiteit nemen. Dit geldt als de meest toepasselijke betekenis. 
Aristoteles; Ethica Nicomachea; hoofdstuk 1: Het doel van het menselijk bestaan is geluk; eerste twee alinea’s uit paragraaf 6: Het goede ligt in de eigen taak van de mens

Het gaat hier om doeloorzaken en (menselijke) zelfbestemming. Een invulling daarvan of aanzet daartoe koppelden Aristoteles en zijn tijdgenoten in de eerste plaats nog aan een werking van een wereldverstand, Nous, terwijl met de intrede van de moderne tijd veelal van het menselijk zelfbewustzijn of ik, de actieradius van de ratio en de wil van de menselijke individualiteit wordt uitgegaan. In extensio, als met een inslag van een machtige meteoor uit de schoot van een schijnbaar verbleekte sterrenhemel, werd dit nieuwe beginsel in eminente zin gehuldigd en uitgedragen door Johann Gottlieb Fichte (1762 - 1814). Denk hierbij vooral aan zijn introductie van de Tathandlung. Het eerste principe van Fichte’s wetenschapsleer luidt: ‘Het ik stelt oorspronkelijk eenvoudigweg zijn eigen zijn,’ het stelt zichzelf als absoluut vrije handeling. Dit in een tijd dat godsdienstwetenschap en godsdienstfilosofie in Europa nog een sterk orthodox karakter droegen en vertegenwoordigers van een christelijke orthodoxie nog veel maatschappelijke macht hadden. Het spanningsveld dat hiermee ontstond, en niet zonder gevolgen bleef voor de carrière van Fichte, komt goed tot uitdrukking in de boekuitgave Oproep aan het publiek – De atheïsme-strijd van 1798 – 1799. Een lezenswaardig en leerzaam boekwerk.


Vergelijkingsmateriaal en studiestof:

maandag 17 april 2017

Genuine

In harmonie of disharmonie.
Vermink je zelf niet. Wees vruchtbaar.
Om mezelf te kunnen uithouden moet ik onuitstaanbaar zijn. 
(J.W.)

Zulke houdingen, wilsvormen en afwegingen kunnen op(z)wellen bij smartelijke levenservaringen en innerlijke tegenstrijdigheden. Op een hoger ontwikkelingsniveau verenigen ze zich, sluiten ze elkaar niet meer uit.

Deze Griekse filosofen van de strenge richting hadden voor zichzelf de keuze boosaardige dieren te worden, dan wel strenge, weinig vreugden kennende dierentemmers: zo reeds Socrates. Zij waren schrander genoeg om te begrijpen dat wie een menselijk roofdier wordt, voortdurend eerst zichzelf verscheurt. Maar nu geloofden zij dat iedereen evenveel gevaar liep om dit roofdier te worden: - dit is het grote geloof van alle grote moralisten, hun macht en hun dwaling! Het geloof dat bij iedereen het geduchte dierlijke nabij is. – Het zullen wel geen mooie mensen geweest zijn. 
Friedrich Nietzsche; gedachte 35 (1881/82) uit zijn Herwaardering van alle waarden (De wil tot macht)

Nietzsche was niet gesteld, to say the least, op een denkrichting en leefwijze die Socrates met zijn denkgenoten voorstond. Een beweging naar vormen van zelfkennis kan langs afgronden voeren. En voor je het weet tuimel je erin. Gevangen en gekluisterd. Tortured and teared apart. Nietzsche droeg als filosoof een zeker voluntaristisch element in zich, schuwde daarmee het instinctieve niet, terwijl Socrates, in dialoogvorm, meer van het idealisme uitging. Rudolf Steiner kon beide filosofen waarderen. Over Nietzsche schreef hij eind negentiende eeuw een belangwekkend boekwerk: Friedrich Nietzsche, ein Kämpfer gegen seine Zeit (GA 5; 1895).


Lezenswaardig:
Het Europese nihilisme - Friedrich Nietzsche over de dreiging die niemand schijnt te deren (Uitgeverij Boom, 2012; auteur: Paul van Tongeren)

donderdag 13 april 2017

Inleiding intermezzo aforismen, gedachten en epigrammen

Wat ontglipt of sluimert. Er is een andere wereld aan mij. Diep en uitgestrekt. In… Weet ik niet. En als ik mezelf onderbreek, wat kan dan nog wenken, duizendmaal schenken, en geloven met een kracht die mij overstijgt? Alsof ik min of meer zou zijn. Wat een mens echt bezig houdt, weet hij vaak niet. Soms achteraf.
(J.W.)

Zal de komende tijd, hoe lang die periode zal zijn is me nog niet duidelijk, mijn teksten op Cahier beperken tot ‘dagboeknotities’. Zoals bijvoorbeeld de bovenstaande. Telkens zal ik daaronder gelijksoortige of verwante pennenvruchten van andere schrijvers plaatsen. Regelmatig vergezeld van kort commentaar. Dit werd reeds aangekondigd met het blog Friend (Cahier, 24 maart 2017). Gemiddeld zullen deze teksten iedere vrijdag en maandag van de week verschijnen. Aan het eerder genoemde schrijversgezelschap dat ik vanaf nu bij me aan tafel laat schuiven en een dis mee zal delen voeg ik er één extra toe: Burrhus Frederic Skinner, grondlegger van het (radicale) behaviorisme.

Als je te jong bent heb je geen goed oordeel, en evenmin als je te oud bent. Als je niet genoeg over iets nadenkt of teveel, houdt je koppig vol en wordt het je stokpaardje.   Bekijk je je werk meteen als je het af hebt, dan ben je nog volkomen bevooroordeeld, en [doe je het] te lang erna, dan kom je er niet meer in. Zo ook met schilderijen die je van te ver of te nabij bekijkt. Er is slecht één ondeelbaar punt dat de juiste plaats is. De andere zijn te dichtbij, te ver, te hoog, of te laag. In de schilderkunst wordt het door het perspectief vastgesteld, maar wie zal het voor de waarheid en de ethiek vaststellen?
Blaise Pascal; gedachte 21 uit zijn Gedachten 

Stokpaardjes worden vaak bereden. Geschikt voor cirkeltochten, beperkte kringen en (al te) platgebaande wegen.

vrijdag 24 maart 2017

Friend

To become
Terwijl ‘k de arbeidsmarkt doorploeg, heb ik met betrekking tot publicaties op Cahier de afgelopen dagen mijn gedachten laten gaan over een mogelijke tussenvorm, welke naar mijn inschatting niet veel tijd vergt, maar lezers mogelijk toch kan prikkelen. Het gaat om aforismen en gedachtegangen. Die zijn er bij mij te over. Ik denk en het denkt in mij. Als ik me er op instel en concentreer, blijft het stromen. Een levende bron, maar geen kul. Wel ironie hier en daar.

Per bericht zal ik er eerst één van mezelf plaatsen - inclusief een korte reflectie daarop -, gevolgd door een aforisme of gedachte, aanverwant of gerelateerd, van een andere schrijver: Michel de Montaigne (1533 – 1592), Augustinus van Hippo (354 – 430), Blaise Pascal (1623 – 1662), Georg Lichtenberg (1742 – 1799), Plato (427 – 342), Aristoteles (384 – 322), Johann Wolfgang von Goethe (1749 – 1832), Friedrich Nietzsche (1844 – 1900) en Rudolf Steiner (1861 – 1925). Muziek zal ik niet toevoegen om tijd te besparen. Wel altijd een afbeelding in de rechterbovenhoek. Frequentie: twee keer per week. Welke dagen weet ik nog niet. Eens even kijken hoe me dat zal bevallen.

Bij deze aankondiging vermeld ik gelijk nog iets anders.

Terror incidents’. London. Mind blowing. Call it as it is, an deadly attack, constant threat. Tegelijk is de lente neergestreken; zacht, echt, weldadig. Als vanouds alsof ze nooit meer weg zal gaan, ongeveer zoals ik het rond mijn dertigste beleefde:

Na het op sterven na dood 
Gloeiende ontdooiing
In stengelblad’s ontplooiing
Met condensontwikkeling
Rond bloemknopomwikkeling
Op ‘t veld vol ranken
Waar voorjaarskiemen zangerig blanken
Als sirenen influisterend het mensenhart de waan
Dat de zon niet meer mag ondergaan
En opwekkend een hartstochtelijke zin
Naar weer een lusthof als begin!

Evenzo in Rotterdam toen ik ruim 25 jaar geleden kort over lentestralen dichtte nadat ik uit bed was opgestaan en vanuit mijn woonkamer naar buiten keek: Delta.

Vandaag ontving ik van Utz Verzendantiquariaat het bestelde boekwerk Lucifer – Die Kinder des Lucifer (Im Selbstverlag der Rudolf Steiner-Nachlassverwaltung, 1955). Er valt veel over het toneelstuk van Schurè en opmerkingen daaromtrent van Steiner te zeggen, maar dat reserveer ik voor andere keren als meer stof is neergedaald en ik misschien weer in rustiger vaarwater verkeer. Nu slechts enige dichtregels daarover van mijn hand.

Friend 
Lucifer, mijn oude vriend, kijk je naar me om?
Zie je me staan? Enkelvoud voornaam?
Mag ik je heten, verwijzen zelfs misschien
en daarom wel geweten leiden bovendien?
Jouw acht – zaam – heid breekt door.

Vergelijkingsmateriaal en studiestof

1. De Engelstalige uitgave: The East in the Light of the West and Children of Lucifer: A Drama (Spiritual Science Library, 1986). Voorwoord (introduction) van Bernard J. Garber (1919 – 1994) met relevante opmerkingen en noties van Guenther Wachsmuth (1893 – 1963).

2. Slotalinea bij Steiners opstel Luzifer (tijdschrift Lucifer, juni 1903):
Meditatie 
Vraag: Je streeft naar zelfkennis? Zal jouw zogeheten zelf morgen voor de gehele wereld meer betekenen dan vandaag, wanneer jij jezelf kent? 
Eerste antwoord: Nee, wanneer jij morgen niet anders bent als vandaag en wat jij morgen kent alleen het zijn van vandaag herhaalt. 
Tweede antwoord: Ja, wanneer jij morgen anders bent als vandaag en jouw nieuwe zijn van morgen het effect van jouw kennen van vandaag is.

Muziek
Spencer Davis Group
Keep on Running

maandag 6 maart 2017

Time-out

Rythm in practice
Mijn schrijfactiviteiten schort ik tijdelijk op. Voor hoe lang weet ik niet. Laat ik maar zeggen voor onbepaalde tijd. Hiertoe zie ik me gedwongen vanwege mijn huidige positie op de arbeidsmarkt. Mijn arbeidscontract loopt binnenkort af en ik weet niet of dat verlengd zal worden. Zal me tot het uiterste inspannen om een betaalde dienstbetrekking te verwerven, waarborgen, continueren. Concentreer mijn krachten. First things first.

Heb veel meegemaakt in mijn leven en zal in het laatste deel ervan ook nog wel het nodige voor de kiezen krijgen. Without any doubt. So be it. Life is a struggle and I’m fighting forwards.

Vergelijkingsmateriaal: Fighting Spirit (Cahier, 29 juli 2016). Studiestof: Kamaloka (GA 88; 6e voordracht; Berlijn, 2 december 1903).


Muziek
Mooie documentaire
Mike Oldfield Story

vrijdag 3 maart 2017

Human Behavior

No accurate quote. This is a comment (1994) by Noam Chomsky
Weer een kort intermezzo. Het steinercitaat van Ridzerd van Dijk, Democratieën zullen steeds na enige tijd sterven aan hun eigen democratische natuur (De Grote Rudolf Steiner Citatensite, 2 maart 2017) en enige commentaren daarop die daaronder verschenen prikkelen me vandaag tot het plaatsen van een kort tussenbericht op Cahier. Tevens heeft het citaat me aanleiding gegeven om vanochtend dienaangaande op een andere blogsite van me met een korte column het woord te richten tot Engelstaligen: Food for Thoughts – Both for Authorians, Republicans and Democrats (Explore American and British Culture, 3 maart 2017).

Laat ik voor alle duidelijkheid, voordat ik er wat dingen over ga zeggen, dat steinercitaat ook even op Cahier weergeven:

Lezing: De mens als sociaal en antisociaal wezen (uit de bundel Interesse voor de ander) 
Plaats en tijdstip: Dornach, Zwitserland; 6 december 1918 
Spreker: Rudolf Steiner 
Vertaler: Bart Muijres
"[…] Je hoort zo vaak: het ideaal van de staatkundige samenleving is de democratie. – Goed, laten we aannemen dat het ideaal van de staatkundige samenleving de democratie is. Maar als men deze democratie ergens zou willen invoeren, dan zou ze noodzakelijkerwijze in haar laatste fase tot haar eigen opheffing leiden. De democratie streeft er noodzakelijkerwijze naar wanneer de democraten bij elkaar zijn dat altijd de een de ander overweldigen wil; altijd wil de een tegenover de ander gelijk hebben. Dat is heel vanzelfsprekend. Ze streeft naar haar eigen opheffing. Voert u dus ergens de democratie in, dan kunt u dat in gedachten wel uittekenen. Maar in de realiteit overgebracht voert de democratie net zo tot het tegendeel van de democratie als de slinger naar de tegengestelde kant uitslaat. Dat gaat helemaal niet anders in het leven. Democratieën zullen steeds na enige tijd sterven aan hun eigen democratische natuur. Dat zijn dingen die voor het begrip van het leven hoogst noodzakelijk zijn. […]"

Nadat zij een periode lang ernstig onder druk heeft gestaan, feitelijk verworden is tot een schijndemocratie, zal een roep en een streven ernaar opnieuw ‘opduiken’, rumoeren. Opduiken tussen aanhalingstekens, constitutioneel bezien is het immers bij vele staten zo geregeld dat regelmatig verkiezingen worden uitgeschreven. Ja er valt veel te zeggen tegen politieke partijen en particratie, maar ze vormen nu eenmaal een realiteit. En niet voor niets.

Over politieke stromingen, en die staan in verband met politieke partijen nietwaar, heeft Steiner eens gezegd dat dat weerspiegelingen zijn, je kunt het ook manifestaties noemen, van krachtwerkingen en strijd van zekere geestelijke wezens in en vanuit de geestelijke wereld. Om welke wezens gerelateerd aan welke stromingen het volgens Steiner gaat, houd ik hier nu even in het midden. Daar hoef je bij een hedendaagse politicoloog natuurlijk niet mee aan te komen. Hij zal je regelrecht de deur wijzen en misschien zelfs adviseren om bij een psychiater langs te gaan. Vanuit zijn gezichtspunt is dat een begrijpelijke houding. Maar of het zo is, is natuurlijk waar het echt op aankomt.

Dieter Brüll
Aan de andere kant van de pendelbeweging, tegenover de zijde van het democratische ideaal, staat het autoritarisme (de begripsomschrijving in Wikipedia is te beperkt en te eenzijdig van aard) met zijn stellige opleggingen. En dan heb je verder natuurlijk nog het republikeinse beginsel, dat in verband staat met bestuursvormen, bestuur en bestuurlijke benoemingen, op basis van voorgenomen koers, kennis, vaardigheid en vakmanschap. Met name driegeleder wijlen Dieter Brüll heeft over het span democratisch en republikeins beginsel het nodige gezegd en geschreven. Dit aangespoord door het ideeëngoed van Rudolf Steiner.

Aan het onderlinge verband tussen de begrippen en verschijnselen 1. democratie, 2. autoritarisme en 3. republikeins zou een uitgebreid essay kunnen worden gewijd. Daarover zou tezamen met de uitspraak van Steiner dat, mede afhankelijk van een positie in de samenleving, er een diepe roep bij de moderne mensheid bestaat naar de trits socialisme, democratie en liberalisme een dik boekwerk kunnen worden gevuld. Zeker in combinatie gedacht met zijn uitspraken over de leuzen van de Franse Revolutie: vrijheid, gelijkheid en broederschap en dat correlerend met een realiteit van opeenvolgende cultuurtijdperken. Maar goed, dat stip ik nu alleen maar even aan.

Eigenlijk is ook een doortastende volkerenpsychologie nodig om dit soort onderwerpen naar behoren te behandelen. De antroposoof Zeylmans van Emmichoven (1893-1961) probeerde dat in het verleden van de grond te krijgen, maar 't beklijfde niet echt. Voor iets meer daarover zie mijn blogartikelen Culturele verscheidenheid en tijdsopgaven – Karma en reïncarnatie in de praktijk (Cahier, 2 april 2011) en Voor- en achterland - Volkerenkunde (Cahier, 14 oktober 2010). Tot zover dit intermezzo van vandaag.


Vergelijkingsmateriaal
Aristoteles als criticus van de Atheense democratie (Montesquieu Instituut)


Muziek
Bob Dylan
Blowing in the Wind

maandag 27 februari 2017

Parsifal - Deel 7

Underway
Met een geheugenkaart draagt mijn kleine MP3-speler 40 gigabyte aan opslagruimte. Daarop kan ik dus aardig wat hoorcolleges van Nederlandse wetenschappers kwijt, die ik eerst naar mijn notebook rip bij de bibliotheek. Zekere audioboeken die op internet rondgaan, plant ik ook op het apparaatje. Waaronder die van Rudolf Steiner (1861-1925). De laatste twee weken en het komende halfjaar beluister ik nauwlettend zijn lezingenreeks The Riddles of Philosophy (GA 18; 1914). Dale Brunsvold heeft een aangename spreekstem. Hier een overzicht van lectures en van writings van Steiner die door Brunsvold zijn ingesproken en te beluisteren en te downloaden vallen via de website Rudolf Steiner Audio. Via Youtube vallen zijn inspreekteksten, een deel daarvan althans, eveneens te beluisteren.

Vind het een verademing om werken van Steiner ook in de Engelse taal uitgedrukt te zien en tot me te nemen. Niet alleen in het Duits of Nederlands. De directe kracht en het fraaie beeldkaraker van het Engels bevalt me goed. Sterker zelfs: voel me daar in thuis. Afgelopen donderdag schafte ik bij boekhandel de Haagse Boekerij een gebonden versie van Steiners Die Rätsel der Philosophie in ihrer Geschichte als Umriß dargestellt (GA 18; 1914) aan. Mijn pocketversie was van ouderdom uit elkaar gevallen.

’t Werk is geen nieuwe kost voor me. Zie mijn artikel Wereldbeschouwingen en natuurwetenschappen (Tobias Liefleven, 1991), dat ik indertijd als jonge dertiger schreef. Maar wat wint een geesteswetenschappelijk werk aan diepte en dimensie als je het inmiddels pakweg 26 jaar ouder geworden voor studie en reflectie opnieuw ter hand neemt! Er is immers ondertussen wat me jezelf en met je ziele-inhoud gebeurd. Het nodige… Voor zekere wetmatigheden verbonden met gedachtevorming, ideeën, aandacht, verwerking en tijdswerking met betrekking tot ontwikkeling van een zelf- en wereldbewuste menselijke ziel, heb al een paar keer eerder op die lezing gewezen op Cahier, zie Steiners behartenswaardige voordracht Rhythmische Gesetzmäßigkeiten im seelisch-geistigen Bereich - Das Evangelium der Bewußtseinsseele (GA 124; 1911).

Binnen de landelijke ledengroep Filosofie & Antroposofie schijnt een werkvertaling naar het Nederlands van Die Rätsel der Philosophie tot stand te zijn gekomen en in omloop te zijn. Zal er een keer naar informeren. Blogger Ridzerd van Dijk, al jaren vlijtig actief met zijn blogsite De grote Rudolf Steiner Citatensite, stuurde ik het afgelopen weekend in digitale vorm de inhoud van het boekwerkje Interesse voor de ander (uitgeverij Pentagon, 2011) toe; het bevat vier voordrachten van Rudolf Steiner over sociale ontwikkeling en antisociale tendensen in mensen. Geselecteerd en vertaald naar het Nederlands door de eerbiedwaardige Bart Muijres.

Bij uitstek een Parsifal en Amfortas thema met daaraan gerelateerde drempelervaringen; zaken, neigingen van de ziel, welke menigeen in het dagelijks leven vaak geneigd is om weg te stoppen, zich niet bewust te maken, terwijl die in het maatschappelijke verkeer dikwijls wel een overheersende en beslissende rol spelen. Links- of rechtsom - ja, ook politiek bezien - komt men zichzelf zo uiteindelijk toch tegen… En wat doet men dan? Doorgaan met projecteren, zaken voornamelijk bij anderen leggen, of gaandeweg toch tevens overgaan tot meer zelfbespiegeling?

Me dunkt dat Van Dijk uit het genoemde boekwerkje wel een aantal handzame en passende steinercitaten kan lichten. En mogelijk geeft het hem even wat meer adem; steeds in de weer zijn met vertalingen van tekstdelen van Steiner legt wel een beslag op een mens. ’t Is niet bepaald de makkelijkste materie en de Duitse taal, brontaal in dit geval, valt ook niet mee… Het Duitse en Nederlandse idioom verschillen sterk.

Zal zelf ook wat citeren uit dat werkje de komende tijd. Was dat eigenlijk al van plan bij vervaardiging van Parsifal – Deel 6 (Cahier, 20 februari 2017) (en nog eerder zelfs), maar zag bij het schrijven daarvan al snel in dat ik opnieuw eerst iets anders moest inlassen. Dat ik eerst met een literatuurverwijzing de aandacht diende te vestigen op een historisch keerpunt in de mensheidsontwikkeling, een overgang van een beeld-, symbool en mythisch bewustzijn naar een denk- en voorwerpsbewustzijn, gedachten- en waarnemingsactiviteit met toenemende ego vorming; de start en ontwikkelingsloop van een zorgvuldig cultiveren van een aandachtige denkweg, waarbij het (cruciale) belang van het credo, het levensmotto, Mens ken U zelve, nauwkeurig in ogenschouw wordt genomen. Daarover volgende keer meer in Parsifal – Deel 8.


Muziek
 Shocking Blue
Venus

maandag 20 februari 2017

Parsifal - Deel 6

2017. Brand new days. New opportunities. What’s in command? Wat of wie regeert? Falsehood? Partial. Fake news? Coming from which mouth? Wat wordt verstaan en opgemerkt en/of verzwegen of genegeerd? En wat borrelt onderwijl uit ’s mens binnenste naar boven? Langs welke wegen en afgronden? Welke invallen, wat voor gedachten? Met welke betekenis en wat voor draagwijdte?

In mijn blogartikel Antroposofie en wetenschapsfilosofie (2) – Eigen koers (Cahier, 14 februari 2014) schreef ik dat ik vanaf 19 jarige leeftijd interesse kreeg voor het verschijnsel massabeïnvloeding en manipulatie. Daarvan kregen mensen in de 20e eeuw al het nodige van mee. En ja…  nog heviger vindt dat natuurlijk plaats in het derde millennium.

Friedrich Nietzsche (1844-1900) wees reeds op een Wille zur Macht. In mijn adolescentiejaren stegen er ook andere interesses en levensvragen in gedachtevorm in me op. Die beschrijf ik eveneens beknopt in het genoemde tweede deel van mijn drieluik ‘Antroposofie en wetenschapsfilosofie’ op Cahier.

In de 18e eeuw zag de wereld er nog heel anders uit. Climate change. Zienderogen verandert het culturele gelaat der aarde. Steeds sneller? Niet dat er toen en daarvoor geen sprake was van machtsstreven en machtsstrijd, dat was er natuurlijk al wel, en de industriële revolutie nam in die tijd serieus aanvang. Inmiddels zitten we midden in een informatietijdperk.

Grappige man...
De Duitse fysicus, sterrenkundige en denker Georg Christoph Lichtenberg (1742-1799) leefde in de eeuw van de verlichting te Duitsland. Een origineel mens en een interessante denker. Zoals ik min of meer al aangaf in Aforisme en perikel - Lichtflits en experiment (Cahier, 13 februari 2017) was Lichtenberg ten tijde van zijn leven en ook daarna, tot op de dag van vandaag, een gewaardeerd schrijver. Met recht beschouwde hij zichzelf wat zijn invallen betreft, hij had een zwakke gezondheid, als een zondagskind.

Ook Rudolf Steiner schatte de pennenvruchten van Lichtenberg beslist naar waarde. In zijn Die Rätsel der Philosophie in ihrer Geschichte als Umriß dargestellt (GA 18; 1914) licht hij een paar gedachten van Lichtenberg op genuanceerde wijze toe. Die desbetreffende tekstdelen in GA 18 zijn door mij naar het Nederlands vertaald, zie: Rudolf Steiner over Georg Christoph Lichtenberg in context; twee tekstdelen uit Rätsel der Philosophie (Antroposofie in perspectief).

Een paar fragmenten uit die vertaalde tekstdelen laat ik hier op Cahier volgen:

Uit: Rätsel der Philosophie (GA 18; 1914)
Hoofdstuk: Das Zeitalter Kants und Goethes
Bladzijde 173 tot en met 176
Auteur: Rudolf Steiner
Vertaling: John Wervenbos 
[...] Ook anderen hebben het onbevredigende van de Kantiaanse gedachtegang ingezien. Lichtenberg, één van de ingenieuste en tegelijk één van onafhankelijkste kopstukken uit de 2e helft van de 18e eeuw, die Kant waardeerde, kon het toch niet laten tegen diens wereldbeschouwing belangrijke tegenwerpingen aan te voeren. 
Enerzijds zei hij: “Wat betekent het Kantiaanse geest denken? Het betekent geloof ik de relatie van ons wezen, wat dat ook moge zijn, tot de dingen, die wij buiten ons noemen, vindbaar te maken; dat betekent de verhouding van het subjectieve ten opzichte van het objectieve vaststellen. Dit is evenwel altijd het doel van alle degelijke natuuronderzoekers geweest, alleen is de vraag of ze het waarlijk zo filosofisch hebben aangepakt als mijnheer Kant. Men heeft dat wat toch al subjectief is en moet zijn, voor objectief gehouden.” 
Anderzijds merkt Lichtenberg echter op: “Zou het dan een totaal uitgemaakte zaak moeten zijn, dat onze rede van het bovenzinnelijke in het geheel niets kon weten? Zou de mens zijn ideeën over God niet net zo doelmatig kunnen weven als de spin haar web omwille van het vangen van vliegen? Of met andere woorden: zou er niet een wezen moeten bestaan die ons vanwege onze ideeën over God en onsterfelijkheid net zo goed bewonderen, zoals wij de spin en de zijderups?” [...]

Net zoals zijn andere tijdgenoten hield Lichtenberg zich dus onder andere met de filosofie van Kant bezig en lijkt hij, blijkens het tekstcitaat van hier boven, een deur open te houden of nog niet definitief te hebben dichtgedaan voor een wetenschap van de geest. In een ander hoofdstuk van zijn boek geeft Steiner aan dat Lichtenberg weliswaar geestrijk was, maar geen systeemdenker is geweest en eigenlijk in zekere opzichten inhoudelijk en thematisch bezien mag worden beschouwd als een voorloper van een gedachterichting van mensen als Ludwig Feuerbach (1804-1872), een Duitse filosoof die stond voor een uitgesproken atheïstisch wereldbeeld. Zie het volgende tekstcitaat:

Uit: Rätsel der Philosophie (GA 18; 1914)
Hoofdstuk: Die radikalen Weltanschauungen
Bladzijde 293 tot en met 301
Auteur: Rudolf Steiner
Vertaling: John Wervenbos 
[...] Men hoeft slechts te herinneren aan de afzonderlijke uitspraken van de belangrijke mannen, om aan te tonen hoe in de door Feuerbach ingeleide gedachtenbeweging zijn geest (Lichtenberg; J.W.) weer opleefde. 
“God schiep de mens naar zijn beeld, betekent vermoedelijk, de mens schiep God naar de zijne.” “Onze wereld zal nog zo mooi worden, dat het net zo belachelijk zal zijn aan een God te geloven als vandaag de dag in spoken.” “Is ons begrip van God dan wel iets anders als gepersonifieerde onbegrijpelijkheid?” “Onze voorstelling van een ziel lijkt veel op die van een magneet in de aarde. Het is enkel een beeld. Het is een aangeboren uitvinding van de mens als hulpmiddel om zich alles in deze vorm te denken.” “In plaats dat de wereld zich in ons spiegelt, zouden wij beter kunnen zeggen, onze rede weerspiegelt zich in de wereld. Wij kunnen niet anders , wij moeten ordening en wijs bestuur in de wereld zien, dit volgt uit de gewoonte van onze denkkracht. Dat wij iets noodzakelijk moeten denken, resulteert er echter nog niet in dat het ook werkelijk zo is…. dus daaruit… laat zich geen God bewijzen.” “Wij worden ons zekere voorstellingen bewust, die niet van ons afhangen; andere, dat geloven wij tenminste, hangen van ons af; waar is de grens? Wij kennen alleen het bestaan van onze gewaarwordingen, voorstellingen en gedachten. Het denkt, zou men moeten zeggen, zoals men zegt: het bliksemt.” 
Had Lichtenberg bij zulke gedachteflitsen het vermogen gehad een harmonische wereldvisie te ontwikkelen: dan had hij zelf niet in die mate buiten beschouwing kunnen blijven als hier is gebeurd. Bij de vorming van een wereldbeschouwing hoort niet alleen superioriteit van de geest, welke hij bezat, maar ook het vermogen ideeën in samenhang alzijdig uit te breiden en plastisch af te ronden. Dit vermogen ontbrak hem. Zijn superioriteit spreekt uit zijn voortreffelijke oordeelvellingen over de betrekking van Kant tot zijn tijdgenoten: “Ik geloof, dat, zoals de aanhangers tegenstanders van de heer Kant altijd tegenwerpen, dat ze hem niet begrijpen, zo ook velen geloven, dat de heer Kant gelijk heeft, omdat ze hem begrijpen. Zijn voorstellingswijze is nieuw en wijkt zeer van de gebruikelijke af; en wanneer men daar nu opeens inzicht in krijgt, dan is men ook zeer geneigd ze voor waar te houden, vooral omdat hij zoveel ijverige aanhangers heeft. Daarbij moet men echter altijd bedenken, dat dit begrijpen nog geen reden is, het zelf voor waar te houden. Ik geloof dat de meesten bij de vreugde over het begrijpen van een zeer abstract en duister opgesteld systeem, tegelijk hebben geloofd, dat het gedemonstreerd zij.” [...]

Tot zo ver Lichtenberg met zijn primaire ideële intuïties in wisselwerking gedacht met concepten van een aantal van zijn tijdgenoten.

Het geschrift Die Rätsel der Philosophie in ihrer Geschichte als Umriß dargestellt neemt in het oeuvre van Steiner een unieke en belangrijke plaats in. En niet voor niets geeft hij in het eerste hoofdstuk van dat werk aan dat de krachten die vrijkomen bij het aangaan en aanhouden van een persoonlijke denkweg, waarbij zelfkennis nagestreefd en niet geschuwd en vermeden wordt, onontbeerlijk zijn voor ’s mens verdere zieleontwikkeling; voor het gaan van een echte parsifal weg.

Meer daarover een volgende keer in Parsifal – Deel 7. Stap voor stap ga ik te werk.


Meer referentiemateriaal
1. Een Odysseus van de Verlichting - Brieven van Georg Christoph Lichtenberg (8Weekly)
2. Maximes van Georg Christoph Lichtenberg (Maximen.nl)


Muziek
Eurithmics
Miracle of Love

zaterdag 18 februari 2017

Judith von Halle

Judith von Halle
Positiebepaling. Frank en vrij. Een kort tussenbericht op Cahier, waarmee wordt ingehaakt op een deelinhoud van Michel Gastkempers blogartikel Exclusief (Antroposofie in de pers,  6 februari 2017); de kwestie Judith von Halle.

In het februari 2017 nummer van het antroposofische ledentijdschrift Motief werd een deel van een interview afgedrukt dat Gastkemper oktober 2014 Von Halle afnam. In volledige vorm valt het artikel ook voor niet-leden, dus door iedere internetsurfer, te lezen op deze webpagina: Interview door Michel Gastkemper met Judith von Halle op 19 oktober 2014 in de Stichtse Vrije School in Zeist (Motief Online). Hier de oorspronkelijke versie in het Duits.

De controverses die Von Halle aankleven zijn niet alleen (1) van medische aard, betreffen niet alleen haar lichamelijke gesteldheid, maar ook (2) een deel van haar gezichtspunten en beweringen, (3) een specifiek element van haar onderzoeksmethode(n) en (4) haar optreden en handelwijze in communicatief en moreel opzicht.

Zelf heb ik ten eerste mijn ernstige bedenkingen bij haar claim dat ze vanaf 2004 geen voeding meer tot zich zou nemen, nadat haar lichaam stigmata zou hebben ontvangen. Onverminderd gaat dat er bij mij niet in. Daarover schreef ik ruim 5 jaar geleden een vierluik. Zie het Cahier Archief onderaan dit weblog, jaar 2011.

Ook bij dit item lopen ideeën en opvattingen onder antroposofen uiteen. Zo is er bijvoorbeeld een tekst in omloop waarin Ita Wegman stelt dat een gestigmatiseerd mens onder zekere condities inderdaad zonder voeding zou kunnen leven. Als ik het goed begrijp denkt Mieke Mosmuller ook in een dergelijke richting. In één van haar boeken stelt zij namelijk dat het voor Von Halle beter zou zijn als ze toch wel voedsel tot zich zou nemen. Sergej Prokofieff hield deze zaak in het midden. Hij stelde dat het voedingspatroon van een mens een privézaak is, maar nooit proefondervindelijk zou zijn aangetoond dat een mens het langdurig zonder voeding zou kunnen stellen.

Ook bij de genoemde punten 2, 3 en 4 heb ik mijn vraagtekens en bedenkingen bij Von Halle. Een voorbeeld bij punt 4, welke ook punt 2 raakt: zekere beweringen en uitlatingen van haar over Prokofieff, ik meen gedaan in 2014 bij een lezing van haar te Zeist, niet lang na het overlijden van Prokofieff. Een suggestieve bewering van haar over, laat ik het maar zo uitdrukken, een deel van de individuele levenslijn, aardse incarnatiereeks van Prokofieff.

Von Halle
Ieder mag er het zijne over denken. Als ze binnen de Antroposofische Vereniging als bestuurslid (Vorstand) en/of de Vrije Hogeschool voor Geesteswetenschap als sectiehoofd een leidinggevende (initiërende) positie zou gaan innemen, zal ik daar bezwaar tegen aantekenen en als dat niet gehonoreerd zou worden desnoods zelf de Vereniging en Hogeschool verlaten. Voor mij zijn er grenzen.

Tot zo ver. Dit als intermezzo. Nu ga ik weer verder met mijn Parsifal onderzoek en overige werkzaamheden. Dat is voor mij veel belangrijker. Bij leven en welzijn volgt aanstaande maandag deel 6.


Muziek
Ivonne Elliman
I don’t Know How to Love Him

maandag 13 februari 2017

Aforisme en perikel - Lichtflits en experiment

De pen van een schrijver en zijn productie. Wat inspireert en wat houdt – een tijdlang - productie tegen? En welke wegen gaan ze? Het gaat hier om twee verschillende zaken die soms hand in hand gaan, maar niet altijd. Een mens kan door en door geïnspireerd zijn en vol ideeën zitten, maar desondanks een tijd lang de schrijfpen niet ter hand nemen. Daar kunnen verschillende redenen aan ten grondslag liggen. Ik noem er twee: (1) tijdgebrek of omstandigheden van andere aard en/of (2) een drang en een keuze om dat waarvoor men ontvlamt is geraakt niet direct mee te delen, maar eerst verder te laten rijpen en eigen te maken. Niet alles te grabbel gooien. Spreken kan zilver, zwijgen goud zijn.

Temporiseren en verinnerlijken. Ik kan u verzekeren, geachte lezer, dat het een en ander ook bij mij om de haverklap het geval is. Cyclisch. Vandaag heb ik maar een paar uur schrijftijd. Daarom beperk ik me ditmaal tot een korte dagbeschrijving, waarbij ik tevens zal aangeven wat me op dit moment bezighoudt.

’t Afgelopen weekend was ik weer werkzaam als bewaker in het Japanmuseum; de komende nachten zal dat weer het geval zijn in Hotel Holiday Inn Leiden. Had geen kalme nachtrust afgelopen zondagnacht. Veel aan mijn hoofd; vooral hartezaken, zaken des harts. Werd 2:30 uur wakker en had enige moeite om weer bewusteloos te raken. Mijn droomleven daarentegen wordt intenser en houdt langer aan. In die beeldenwereld ontpop ik me steeds meer als …zelfregisseur; voor mij is zelfregie van kardinaal belang. Mag wel zeggen van levensbelang. 8:00 uur stond ik op met het welbekende revival ritual: een nieuwe dag, nieuwe kansen.

Vanmiddag ging ik eerst even langs bij boekhandel Donner om het boek Breek het partijkartel! – De noodzaak van referenda (Prometheus, 2017) van Thierry Baudet aan te schaffen. Er komen verkiezingen aan en dienaangaande oriënteer ik me. Daarna reisde ik door naar de bibliotheek Rotterdam aan de Hoogstraat, alwaar ik diverse boeken van de neuroloog Oliver Sacks (1933-2015), een bundeling van briefwisselingen van de Duitse wetenschapper en filosoof Georg Christoph Lichtenberg (1742-1799): Gekleurde schaduwen (1770-1799), en de film (DVD) Awakenings (1990), gebaseerd op een ware gebeurtenis, leende.

Heb Sacks boekwerk De man die zijn vrouw voor een hoed hield overigens ook als luisterverhaal op mijn MP3-speler staan. Onderhoudende en leerzame kost. Laat mensen maar denken dat ik naar muziek luister als ik met een hoofdtelefoon rondloop. Tegenwoordig zijn het meestal hoorcolleges. Sacks' autobiografie Onderweg (2015) zal ik ook met interesse doornemen. Een opmerkelijk mens.

Literaire genres. Levenskronieken, levensverhalen staan me aan en aforismen wekken eveneens mijn belangstelling. Lichtenbergs aforismen en brieven werden breed gewaardeerd. Ook door Rudolf Steiner bijvoorbeeld. Op interessante wijze behandelt hij Lichtenbergs pennenvruchten onder andere in zijn geschrift Die Rätsel der Philosophie.

Zelf werk ik ook met dit genre. Behoedzaam en toch experimenteel. Impulsen? Rond kerst 2016 lichtte voor mij niet alleen het belang maar ook de realiteit van innerlijke rust, innerlijk vertrouwen en innerlijke vastberadenheid op. Die trits. Gisteren schreef ik er drie trefzinnen over. Met een wereld van gedachten eromheen. Wijsheid of groei naar meer wijsheid, gecombineerd met een krachtige levensvoering, zie ik niet los van perikelen, lasten en opgaven des levens. Een menselijk perikel staat in verband met proberen, uitproberen en vallen en opstaan. Niet zonder risico en gevaar. Experiments.

Dat komt mooi tot uitdrukking in een woordomschrijving geboden door het Oxford Advanced Learner's Dictionary 9th edition (2015). The English genius of language with a Latin background. Perikel heet in het Engels peril:

Peril noun 
BrE /ˈperəl/ ; NAmE /ˈperəl/
(formal or literary)
1. [uncountable] serious danger.
The country's economy is now in grave peril.
She seemed blissfully unaware of the peril she was in.
2 [countable, usually plural] peril (of something) the fact of something being dangerous or harmful.
A warning about the perils of drug abuse
.
Word origin
Middle English: from Old French, from Latin peric(u)lum ‘danger’, from the base of experiri ‘to try’.
Idioms
Do something at your (own) peril. Used to warn somebody that if they do something, it may be dangerous or cause them problems. Teachers ignore the importance of these results at their peril.

Hoe zou een man als Lichtenberg, zo zijn er meer, zich in het huidige tijdsgewricht manifesteren als denker en schrijver? Dat laat zich makkelijk denken met de huidige ver vooruitgeschreden technologie. Hier een tekstcitaat uit zijn Gekleurde schaduwen:

Georg Christoph Lichtenberg
‘Wat mijzelf aangaat denk ik alleen maar, wat mijn goede vrienden aangaat zeg ik hun, waarover zich alleen een klein publiek kan bekommeren schrijf ik, en wat alle mensen zouden moeten weten wordt gedrukt. […] Als het mogelijk zou zijn op een andere manier met hen te praten, zodat het nog makkelijker was mijn woorden terug te nemen, dan verdiende die manier beslist de voorkeur boven het drukken.’

Tja. Een mens wil met recht editen, correcties aanbrengen. Bezinnen, herbezinnen, preciseren …en (meer) samenhang zien en blootleggen. Volgende week daadwerkelijk Parsifal – Deel 6.


Muziek
Eurythmics
Sex Crime (Nineteen Eighty-Four) and other stuff

maandag 6 februari 2017

Living - Foolish or not

Was van plan om vandaag Parsifal – Deel 6 te schrijven of een tussenartikel getiteld Aforisme en Perikel. Maar dat kwam er niet van. Deze week richt ik me op een sollicitatie voor een baan in een andere sector als waarin ik nu werk. Terugkeer naar het onderwijs zou mooi zijn. Misschien een duobaan? Reken nergens op. Dat wil zeggen: reken me niet bij voorbaat rijk. Ik zie wel. Nuchter.

Volgende week pak ik met Cahier de schrijverspen weer op. First things first. Voor wie het nog niet gelezen heeft, en daar mogelijk in is geïnteresseerd, kan ik intussen wel wijzen op een recente kleine dagboekaantekening op een andere blogsite van me: Kiss of Death (Explore American and British Culture, 2 februari 2017). Gisteren werd ik 58. Times are changing. Me too...


                                                       Muziek
                                                       Fool To Cry
Rolling Stones

maandag 30 januari 2017

Parsifal - Deel 5

Zieleroerselen. Vandaag begin ik met een aforisme. Categorie: gezindheid.

Trouwhartig een zaak recht doen, dat kan ook om jezelf gaan, een richting waarheen je je wilt ontwikkelen, is belangrijker dan constante communicatie over eigen en andermans gelijk of ongelijk.

Dat nodigt me uit tot de volgende reflectie. Naar mijn idee: de ethische kant van een eigen uitgangspunt bij een kwestie, persoonlijk gekleurd en individueel bepaald, mag door een mens vrij als handelingsmotief worden geleefd. Onbetwistbaar. In potentie: zoveel mensen, zoveel gezindheden. Het verdient aanbeveling dat vrij baan wordt gemaakt en gehouden voor eigen en andermans gezindheid; gezindheden die tegenwoordig kunnen zijn gebaseerd op een helder intuïtief denkleven en groeiende (zelf)bezinning.

Of iets waar of niet waar is, of geldig of ongeldig, blijft natuurlijk van belang op terreinen van wetenschap, recht en rechtsleven enzovoort. De leefwereld van mensen behoeft naast zekere fundamenten ook zekere vrijheden. Modern Time. In toenemende mate staat de menselijke leefwereld bol van uiterlijke twist tussen ik en gij in de vorm van ‘dialogen’ en van innerlijke strijd tussen ik en niet-ik in de vorm van ‘monologen’.

Ruim twintig jaar geleden werd dit levensthema eigenlijk al verkend in mijn essay Visie. De onderstaande twee tekstdelen daaruit maken dat direct duidelijk:





Uit: Visie (opgenomen in mijn tekstbundel Boven water)
"Wat over een onderwerp, een voorwerp, een voorval, of een gebeurtenis, kortom de inhoud van levenservaringen, verteld kan worden vormt een onderdeel van het bevindingverslag van een wereldbeschouwing. Wat over een onderwerp, voorwerp, voorval of gebeurtenis kan worden gesteld aan gewenstheid of ongewenstheid vormt een onderdeel van de ethische gezindheid van een wereldbeschouwing. En de mate waarin en de wijze waarop een onderwerp, voorwerp, voorval of gebeurtenis kenbaar of niet kenbaar wordt geacht, vormt een onderdeel van de kennistheorie van een wereldbeschouwing.
Een wereldbeschouwing valt inhoudelijk dus in drie delen uiteen, namelijk:
•  het bevindingverslag
•  de ethische gezindheid;
•  de kennistheorie."


[...]


"Nu leert het leven nog twee dingen, namelijk:
1. Niet eigen of andermans gelijk of ongelijk, maar dat wat met dat gelijk of ongelijk gedaan wordt zegt iets over iemands moraliteit.
2. Een goed oordeel op basis van gezonde ideeën blijkt later een juiste mening."

Het niet-ik is een vrij onbekend begrip voor de meeste mensen. Het is een filosofische uitdrukking voor een fenomeen dat in verband staat met iets waarmee ieder mens elke dag van doen heeft: enerzijds vervreemding en zelfvervreemding en anderzijds identificatie (vereenzelviging), identificatieprocessen. Met name Duitstalige filosofen hebben zich tamelijk uitgebreid met deze problematiek beziggehouden. Voor een korte filosofische begripsomschrijving uit die gelederen zie het volgende tekstcitaat.

Uit: Nicht-Ich (Wikipedia)
“De uitdrukking niet-ik wordt als filosofische vakterm vooral in de subject filosofie van het Duitse idealisme gebruikt. Bij Johann Gottlieb Fichte betekent het ongeveer alles wat verschilt van het zuivere oorspronkelijke ik. Daarmee hoort bij het niet-ik niet alleen de som van alle ruimtelijke voorwerpen, maar bijvoorbeeld ook nog het empirische Ik, in zoverre het een veruiterlijkte vorm van het oorspronkelijke Ik is. Volgens Fichte heeft het niet-ik zijn oorsprong in een geponeerd zuiver Ik en kan het niet-ik gesplitst daarvan worden onderscheiden.

Ook in de existentiefilosofie van Karl Jaspers is het niet-ik een betekenis toegekend: er bestaat het ik en het niet-ik. Daarbij is het niet-ik enerzijds het andere, dat als het ‘uiterlijke’ wordt waargenomen, anderzijds het andere ik:


“Dus kent het Ik het niet-ik als het vreemde zijn van de stof en als het verwant zijn met het andere ik.”

Hand in hand gaan vaak goed en kwaad, ’t ware en onware en het schone en gruwelijke. Waardoor en waartoe? Ik-worstelingen zijn aan de orde van de dag. Steeds sterker en intenser. Niet alleen op persoonlijk en individueel, maar ook op mensheidsniveau… Kun je bij de mensheid als geheel, als ware dat per slotsom één organisch groot wezen, als geheel groter dan de som der delen, ook een soort ik en niet-ik onderscheiden? Het rumoert in de wereld, nietwaar?

Neem bijvoorbeeld het huidige Westen, alwaar kussens worden opgeschud en veel stof op werelddelen neerdaalt met trompetgeschal van twee aan elkaar gelieerde volksleiders, Nigel Farage van het Verenigd Koninkrijk en Donald Trump van de Verenigde Staten. Attention! Eén enkel voorbeeld: Sergej Lavrov, minister van Buitenlandse Zaken van Rusland, verklaarde de afgelopen week dat ten aanzien van de Syrische vluchtelingenstroom en een daaraan verbonden veiligheidsprobleem, Rusland nu samen met Amerika bekijkt of het zinvol en haalbaar is om in regio’s aldaar veiligheidszones in kader van regionale opvang in te stellen. Dat soort zaken zal ik in 2017 nader aan de orde stellen op mijn weblog Explore American and English Culture.

’t Leven bergt drama en verrassende wendingen. Ga alleen het eigen leven al na… On a personal level I will spare you the details. Een verdeelde mens en mensheid met tegenpolen en polariteiten. Contrasten. Krachten en tegenkrachten, spraak en tegenspraak. Schone geboorte en dood en verderf…, gehuld in ‘opstandigheid’ of ontkleed met ‘opstanding’.

Truthfull magination?
Zou ontwikkeling en werkelijke vooruitgang mogelijk zijn zonder een dergelijke diversiteit, zulke moeilijke en ingewikkelde constellaties? En zouden zaken nauwkeurig kunnen worden geschilderd en perspectivisch kunnen worden verbeeld zonder, to imagine the unthinkeable, een rijk veelkleurig palet? Daarover stelde ik vanuit menskundig oogpunt reeds iets aan de orde met mijn blogartikelen To become (Cahier, 5 december 2016) en Tell me (Cahier, 16 december 2016). Een staat van vertwijfeling en verbijstering te boven komen valt niet mee.

Terecht stelt Uitgeverij Christofoor op de webpagina over haar uitgave van het boek Sociale toekomst (GA 332a; 1919), een zeer leerzame en belangwekkende voordrachtenreeks van Rudolf Steiner, dat de menselijke samenleving (op wereldschaal) mede is ziek geraakt door ‘een onwerkelijk mens- en wereldbeeld’. Waarheidsgetrouwe menskunde en diepgaande inzichten over de wereld, de natuur en de maatschappij zijn onontbeerlijk om meer realisme te betrachten en om stapsgewijs in sociaal opzicht kleine stappen vooruit te zetten.

Hoe volgens Rudolf Steiner het sociale zich concreet verhoudt tot het antisociale en waarin de waarde van het antisociale ligt, wil ik met Parsifal – Deel 6 aan de orde stellen met verschillende tekstcitaten uit de boeken Interesse voor de ander (GA 185; 1918 en GA 186; 1918) en Spirituele ontwikkeling - De ervaringen, mogelijkheden en risico's (GA 145; 1913). Dit door mij gerelateerd aan de personages en de zielekrachten Parsifal en Amfortas. Dat had ik eigenlijk vandaag al willen doen, maar tijdens het schrijven werd me duidelijk dat ik beter eerst het bovenstaande de revue kon laten passeren.


 Muziek
Imagine - John Lennon

vrijdag 20 januari 2017

Parsifal - Deel 4

Human beings in today’s world. Wat typeert moderne mensen, mensen van vandaag de dag? Voor beantwoording van die vraag kun je bij je zelf te rade gaan en je daarbij natuurlijk ook spiegelen aan gedrag en reflecties van tijdgenoten. Mensen kunnen van elkaar leren, maar elkaar ook in verwarring of extase brengen of bedremmeld maken …en in zichzelf gekeerd. You name it.

In mijn blogartikel Parsifal – Deel 3 (Cahier, 6 januari 2017) gaf ik aan dat ik in deel 4, dit blogartikel, enige kenmerken van Parsifal en Amfortas nader zou schetsen. Die bekende literaire personages uit het ridderepos van de middeleeuwen, bij monde van Wolfram von Eschenbach (1170-1220) en Chréstien de Troyes (1140-1190) en van de meer moderne tijd, opgetekend door Richard Wagner (1813-1883), personifiëren reële krachten, welke in ieders innerlijk sluimeren en actief zijn. Zoals ik al aangaf in Parsifal – Deel 1: in het beeldentheater van mensen zijn deze krachten en gestalten brandend actueel, ongeacht het feit dat dit vaak niet wordt onderkend.

Neem het aforisme ‘Mens ken U zelve’, inscriptie op de Tempel van Apollo in Delphi. Hoe ver kan een mens van een dergelijk voornemen of streven verwijderd zijn? Heel ver, zo schijnt het. Obvious. Ligt tegelijkertijd zelfkennis toch op de loer, nog verborgen misschien, maar wellicht toch al tastbaar voor degene die doortastend te werk gaat? Tippen, oplichten van sluiers? Vergelijkingsmateriaal: noties over de bewustzijnsziel, vervat in mijn blogartikel To Become (Cahier, 5 december 2016).

Vormt rekenschap van onwetendheid misschien een eerste vorm van zelfkennis? Zulks niet als eind- maar doorgangspunt? Als vergelijkings- en studiemateriaal het volgende tekstdeel uit Plato’s geschrift Alcibiades; Plato over een benaderingswijze en ontwikkelingstrap van Socrates:



Uit: Alcibiades; (Plato aan het woord):
“[…] Socrates loopt tegen de veertig. Hij is lelijk, de onaanzienlijke zoon van een steen- of beeldhouwer. Hij timmert niet aan de weg: hij gaat er midden op. En loopt daarbij iedereen voor de voeten, juist als men haast heeft, vooruit moet. Want hij heeft een probleem, dat hem geen rust laat. Apollo van Delphi, boven wiens heiligdom het “Ken uzelve” staat geschreven, heeft hem, Socrates, de wijste van alle mensen genoemd. Zelf is hij zich echter bewust, dat hij niets, niets weet. Wat anderen zonneklaar is, is voor hem een raadsel. Godsdienstig als hij is, wil hij toch de Delphische god beschamen en zo komt hij iedereen aan boord met vragen over kennis en deugd, om tenminste iemand te vinden, die wijzer is dan hijzelf. Hij overstelpt zijn medeburgers met lastige vragen en, als het antwoord hem niet voldoet, vraagt hij verder, wat zijn gezond verstand hem ingeeft, totdat hij bemerkt, dat zijn partner het evenmin weet als hij. Dan vat hij de ironie, die in het Delphisch orakel is gelegen: hij, Socrates, is de enige, die zich zijn eigen onwetendheid bewust is, terwijl alle anderen zich op hun waanwijsheid beroemen. Hij kent zichzelf. En nu ziet hij zijn plicht: althans een kleine meerderheid haar onwetendheid te doen inzien - bij voorkeur de meest ontvankelijken: de jeugd. […]”

Hoe ontvankelijk is de tegenwoordige jeugd en hoe wijs hedendaagse ouderen? Dat loopt uiteen nietwaar? Niet alleen toen. Nu ook. Een persoonlijke kanttekening. Voor mij zijn dit hele moeilijke onderwerpen. Uiteraard zult U allicht denken. Voor wie niet? Maar wat onder andere bij mij nog extra speelt is de lastigheid, ‘k heb dat vaker naar voren gebracht op Cahier, dat ik bij communicatie en informatieuitwisseling – lezen of luisteren zie ik als een wezenlijk onderdeel van communicatie – graag zo verstaanbaar mogelijk spreek of schrijf. Daarbij moet ik verder aantekenen dat ik beter schrijf dan spreek. Heb me ontwikkeld, uiteraard kan het altijd beter en daar werk ik ook aan, tot een geoefend en kundig schrijver; niet tot een vaardig spreker. Dat komt met name omdat mijn gedachten vaak tamelijk diep gaan en je meestal niet zomaar kunt ‘droppen’ wat in gedachten en voor de mond komt. Je hebt in het dagelijks leven of tijdens bijzondere gelegenheden namelijk ook te maken met referentiekaders van mensen, waarop wel of niet kan worden aangesloten. Op abracadabra zit niemand te wachten. Of wel soms?

In de antroposofische literatuur wordt veel verwezen naar Parsifal en Amfortas motieven. Soms expliciet, vaak impliciet. Neem bijvoorbeeld het boekwerkje Interesse voor de ander (uitgeverij Pentagon), dat vier naar het Nederlands vertaalde lezingen van Rudolf Steiner bevat. Hij behandelt daar zeer inzichtelijk de realiteit en de waarde van een antisociale en sociale opstelling van mensen bij intermenselijk verkeer en samenleven en samenwerken. Aan een sociale of antisociale opstelling ligt een variabele zielehouding ten grondslag die gebaseerd is op een wisselende samenstelling van de basiskrachten sympathie en antipathie in ’s mens innerlijk. Hier gaat het om specifieke configuraties van de menselijke ziel die van mens tot mens sterk uiteen kunnen lopen, zeker nooit volledig identiek zijn. Wat aan die krachten ten grondslag ligt en daarmee is verbonden wordt op een interessante en belangwekkende manier aan de orde gesteld in Steiner basiswerk Theosofie (GA 9; 1904). Voor iets meer over dit aspect en over dit basiswerk zie mijn blogartikel Parsifal – Deel 1 en deze reacties van mij onder Michel Gastkempers blogartikel Leesvoornemens (Antroposofie in de pers, 10 januari 2017).

Basiscally hangt Parsifals zielehouding en ziele-inhoud direct samen met de sympathiekrachten van de menselijke ziel en van Amfortas met de antipathiekrachten daarvan. De kernvraag van Parsifal aan Amfortas is uiteindelijk (door medelijden wetend): Wat is uw lijden Amfortas? Naar waarheid luidt diens antwoord: zelfzucht!

Dat in iedere menselijke ziel zelfzucht niet alleen leeft maar ook heerst als intrinsieke eigenschap van het astrale lichaam, mag over het algemeen onduidelijk zijn. Niet duidelijk, omdat dat zaken zijn die een mens aanvankelijk liever verbloemd, versluierd. Hierbij mag tevens worden bedacht dat zelfzucht niet per definitie, niet altijd iets slechts is of verkeerd. Dat hangt van condities en ontwikkelingsrichtingen af. Met andere woorden: waartoe en op welke wijze zelfzucht wordt ingezet. Referentiemateriaal: het genoemde boekwerkje Interesse voor de ander en de voordrachtencyclus Spirituele ontwikkeling - De ervaringen, mogelijkheden en risico's (GA 145; 1913).

Met Parsifal en Amfortas hangt ook nog iets anders samen, namelijk (2) reiniging en verontreiniging van de ziel en (3) let op de lange en korte ei/ij, leiding over de ziel of lijden aan de ziel. Twee zaken die wezenlijk van elkaar verschillen nietwaar(?): leiden en lijden. Wat is uw lijden en waar is uw leiding? Als ik terugdenk aan oud schrijfwerk van me over dit thema, treden mij voor ogen het gedicht Lethargisch samenleven en het zelfgesprek Wat de nihilist uiteindelijk baart: … Weerzin!

Aischylos
Leiding nemen over de eigen ziel, het eigen innerlijk, heerser kunnen zijn over zichzelf en niet een slaaf van ‘eigen’ roerselen, heeft direct te maken met de graduele komst en activiteit van een dieper menselijk wezensaspect, nog dieper liggend dan het astrale lichaam, het menselijk ik, waarmee wordt geleefd en uitgeleefd: ik denk, ik voel en ik wil en niet langer een extatisch (oudheid) het denkt in mij, het voelt in mij, het wil in mij. Literair voorbeeld van dit laatste zijn de dramatische wendingen en dialogen in het dichtepos Het verhaal van Orestes, geschreven door de Griek Aischylos (525 voor Chistus-456 voor Christus).

Een geleidelijk zelfbewuste intrede van het menselijke ik, groeiende zelfbewustwording en zelfverantwoordelijkheid, op een andere manier ontvankelijk voor spirituele en morele inspiratie als voorheen, werd meer dan tweeduizend geleden ook wel aangeduid als de komst – wortel schietend - en actieradius van Kyrios, waarmee in feite, aldus Steiner, wordt gedoeld op een actuele werking en missie van het menselijk ik in het astrale lichaam.

Hierover is Steiner heel concreet in de vierde en de elfde voordracht van de voordrachtencyclus waarin hij met dertien voordrachten de betekenis en draagwijdte van ’s mens bewustzijnsziel karakteriseert: Exkurse in das Gebiet des Markus-Evangeliums (GA 124; 1913). Dit verbonden met een nieuwe inwijdingsweg op Christelijke grondslag, gerelateerd aan het Paulinische aforisme: Niet ik, maar Christus in mij. Een volgende keer meer over dit onderwerp, inclusief enige tekstcitaten; Parsifal – Deel 5.


 Muziek
Als de rook om je hoofd is verdwenen - Boudewijn de Groot

Overzicht van alle blogberichten op Cahier - Nieuwer bericht boven en ouder bericht onder

2017

Perceptie – 27 april 2017

Instignatie en initiatie – 24 april 2017

Zelfbestemming – 21 april 2017

Genuine – 17 april 2017

Inleiding intermezzo aforismen, gedachten en epigrammen – 13 april 2017

Friend – 24 maart - 2017

Time-out – 6 maart 2017

Human Behavior – 3 maart 2017

Parsifal – Deel 7 – 27 februari 2017

Parsifal – Deel 6 – 20 februari 2017

Judith von Halle – 18 februari 2017

Aforisme en perikel – Lichtflits en experiment – 13 februari 2017

Living – Foolish or not – 6 februari 2017

Parsifal – Deel 5 – 30 januari 2017

Parsifal – Deel 4 – 20 januari 2017

Parsifal – Deel 3 – 6 januari 2017

Feestdagen en Nieuwjaar – 2 januari 2017

2016

Parsifal – Deel 2 – 30 december 2016

Parsifal - Deel 1 – 23 december 2016

Tell me – 16 december 2016

Twee zielen (en niet één gedachte) – 12 december 2016

To become – 5 december 2016

Digitale geletterdheid – 28 november 2016

Onbehagen – 21 november 2016

Weekly basis – 14 november 2016

Braintwisters and inner demons – 23 september 2016

Polsslagen der tijd – 19 september 2016

Funderen – 15 september 2016

Misunderstanding – 8 september 2016

Shine – 4 september 2016

Delicaat – 29 augustus 2016

Literatuurbeschouwing – Deel 1: Literatuur als kunstuiting – 26 augustus 2016

Versnellen – 9 augustus 2016

Autonomie – 8 augustus 2016

Fighting spirit - 29 juli 2016

Wijziging vorm en inhoud van weblog Cahier – 24 juli 2016

Mara’s influence on literature writers – 22 juli 2016

Schone wereld en schone schijn, 16 juli 2016

Verbeelden – 14 juli 2016

Macht van markten en staatscontrole - 1 juli 2016

Brexit – Synopsis – 27 juni 2016

Female – 13 mei 2016

Progress – 5 mei 2016

On the March –Dienstmededeling – 25 april 2016

Over napijn, genezing en nadere toekomst – 17 april 2016

Pijn of geen pijn: een queeste en vraagstuk – 15 april 2016

2015

Dagelijks leven met in- en toewijding - 17 december 2015

Respect – 12 november 2015

Vitaliseren én wijzer worden – 9 november 2015

True nature – 5 november 2015

Simple & Not fade away – 29 oktober 2015

Literaire wegen (bezien tegen een Rotterdamse achtergrond) – 4 september 2015

Anticiperen en participeren – 22 februari 2015

Mijn schrijfwerk en wedervaren; derde maanknoop en negende levensfase – 8 februari 2015

2014

Productieve kracht laten gelden – 20 december 2014

Open wond – 1 december 2014

Over spreuken 2, 3 en 4 op weblog Sprüche in Prosa – 9 november 2014

Uit de nacht – 31 oktober 2014

Sturm und Drang en jaren die tellen – 15 oktober 2014

Citeren uit 'Sprüche in Prosa' in voorbereiding – 12 september 2014

Short one - Home Sweet Home - Rhine Harbour – 1 september 2014

Sergej O. Prokofieff en het thema van vergeestelijking van het fysieke lichaam – 5 augustus 2014

Karma van de Antroposofische Vereniging in Nederland herkennen en erkennen – Jaar 2014 – 8 juni 2014

Gezamenlijke verantwoordelijkheid – 11 mei 2014

Kunst, religie en wetenschap & mythen en mysteriescholen – 29 april 2014

Light capture – 19 april 2014

Preoccupaties – 7 april 2014

Ondernemen – Bezield en sociaal – 25 maart 2014

Schoonmaakwoede – 22 maart 2014

Politieke (geheim)taal: centraal gestelde decentralisaties rijkelijk uitgedragen – 16 maart 2014

Antroposofie en wetenschapsfilosofie (3) – Afbaken – 8 maart 2014

Antroposofie en wetenschapsfilosofie (2) – Eigen koers – 14 februari 2014

Antroposofie en wetenschapsfilosofie (1) – Voorspel - 12 februari 2014

2013

Integriteit en vrijeschoolonderwijs in toekomstperspectief – 20 juli 2013

Nieuwe koers – 22 juni 2013

Rotjeknor - We doen het zelf wel - 10 mei 2013

Nieuw orgaan - Karma en reïncarnatie - Honderd jaar terug – 1 mei 2013

Weegfactoren en onderscheid - 1 april 2013

Sociale driegeleding door de bank genomen - 26 maart 2013

Over helderziendheid en voortschrijdend inzicht - 9 maart 2013

Sympathie voor Iblis - 13 februari 2013

Money voor nothing... or love don't search itself? - 8 februari 2013

Stokken stopt - 27 januari 2013

Imagine: spielerisch to be honest - 16 januari 2013

Verbijstering, bewilderment (perplexity) en Verwirrung is kwestie van beschaving - 6 januari 2013

Dubbelblind slim - Open je ogen - 3 januari 2013

Judith von Halle en Junko Althaus - 1 januari 2013

2012

Wagners worstelingen anno 2012/13; Wagner uit Goethes Faust - 15 december 2012

'Heilig' mantra: groei, groei en nog eens groei! - 11 december 2012

With double in mirrors - 25 november 2012

Sneltreinvaart - 19 oktober 2012

Voorsorteren op digitale snelweg - 14 oktober 2012

De bijen en het Woord - 8 oktober 2012

Manifestaties van het licht - 30 september 2012

Chemische Bruiloft - 25 september 2012

Danige deining - 21 september 2012

Zinnen verzet, orde op zaken gesteld, en weer back to business as (un)usual - 24 augustus 2012

Beramen en benevelen - 22 juli 2012

Facing Mirrors and Signs on the Wall with feet on Earth - 21 juli 2012

Bloggen en bloggers online and offline - 20 juli 2012

Stilaan stilstaan - 17 juli 2012

Plaatselijke sufferdje - 2 juli 2012

Terry Boardman on Actualities - 28 juni 2012

Economieën op drift en vaart of stagnatie der volkeren - 17 juni 2012

Wisseling van de wacht - 10 juni 2012

Bredere economische horizon - 8 juni 2012

De eigenlijke Europese munt: eureka’s - 3 juni 2012

Dienstmededeling: internetadres Cahier gewijzigd - 3 juni 2012

Life with music - 3 juni 2012

Weer aan de bak - 2 juni 2012

2011

Uitweidingen over het Marcus-evangelie - 2e tekstdeel - 18 april 2011

Uitweidingen over het Marcus-evangelie - Eerste tekstdeel - 11 april 2011

'Vereeuwigen' van teksten en plaatjes – Hardlopers en doodlopers - 4 april 2011

Culturele verscheidenheid en tijdsopgaven – Karma en reïncarnatie in de praktijk - 2 april 2011

Oponthoud - Reactie volgt nog - May the Force be with You! - 28 maart 2011

Blad voor de mond nemen of absolute waarheid verkondigen - 25 maart 2011

Japanese houding en inborst bij breuklijnen en waterscheidingen - 23 maart 2011

Living on the edge – Japan - 21 maart 2011

Preludes en dissonanten - Recapitulatie en overzicht - 19 maart 2011

Psychologie en genetica van (vleesgeworden) arrogantie - 13 maart 2011

Moderne literatuurkritiek – Waar gaat het over? - 12 maart 2011

The aftermath – Slotwoord bij drieluik over Judith von Halle - 11 maart 2011

Vermeende inwijding - Judith von Halle - 6 maart 2011

Saturday - 4 maart 2011

Hey Jude – Make it better - 3 maart 2011

Sign of times – Judith von Halle for instance - 2 maart 2011

Wie is wie met wie? – Willen echten echt opstaan! - 1 maart 2011

Leidraden, labyrinten, uitwegen en valkuilen - februari 2011

M. Vasalis en Naema Tahir - Niet kijken op een dag - 27 februari 2011

Waar staat Europa bij stil? - 12 februari 2011

Omgekeerde cultus (Michaël) en Faust - 7 februari 2011

Energiek vooruit - 29 januari 2011

Pauselijk bannen - Pro-actief 'herderschap' - 17 januari 2011

Start van het nieuwe jaar: 2011 - 11 januari 2011

Anders gepland - Datum verzet - 9 januari 2011

2010

Geesteswetenschap – Hoe werken de engelen in ons astrale lichaam? - 25 december 2010

Introductie van de bewustzijnsziel - Geschiedkundige impuls - 20 november 2010

Rol van Pentagon bij oorlog en vrede - Kennisworstelingen - 13 november 2010

Vergewissen van wiskunde - 27 oktober 2010

Vooral geen water geven en zeker geen koffie morsen - 24 oktober 2010

Proactieve interactie - Michel Gastkemper over Antroposofie Monitor - 14 oktober 2010

Voor- en achterland - Volkerenkunde - 14 oktober 2010

Open internetgemeenschap - 9 oktober 2010

Symbiosen en gedeelde belangen - 3 oktober 2010

Draken van onderwerpen - Wie stelt wie met wat aan de kaak? - 30 september 2010

Feit en fictie & Begrip en inzicht - Koers Antroposofische Vereniging - 29 september 2010

Hoofdkwartier antroposofische vereniging - 27 september 2010

Digitale bibliotheek - Zeno.org - 26 september 2010

Voetbal en vechtsporten zijn niet uit den boze - 25 september 2010

Full moon almost - Spiritual shopping or tell what you can sell - 27 september 2010

Hedendaagse maieutiek - 20 september 2010

Not asleep yet - 18 september 2010

Nederlandse vertaling Steiners voordrachtencyclus over Filosofie van Thomas van Aquino - 16 september 2010

Gemoederen in en rond de Antroposofische Vereniging - Taja Gut - 16 september 2010

Hemelvaartsdag 2010 - 13 mei 2010

Stralende lentedag - 6 mei 2010

Start - 28 april 2010

Vertalen - Translate